Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reikt heeft. Gare du Nord: menschenpakhuis, razend rondwentelende kaleidoscoop, waarvan de beelden in fracties van seconden wisselen, sluizen in een wilde, altijd stroomende menschenrivier. De menigte vloeit naar buiten, houdt voorbij de controlehekken op te bestaan, omdat zij zich oplost in een nog grootere menigte. Zwarte huizen, grauwe muren met ontelbare vensters, steunend op spiegelglas en nikkel van café's in de parterre. In de onderpuiën heeft het blinkende leven een beet gedaan, de afdruk van zijn gebit bleef achter in de holten, die met menschen gevuld zijn. De bovengevels behooren tot een verleden dat gestorven is, hun schurftige bepleistering vormt een lijkkleed, dat langzaam verweert. Zóó, als de menschen door deze straten, moet het bloed door de aderen van een levend wezen stroomen. Parijs is een dier, dat menschen vreet. Een chaos van dieren en menschen, van voertuigen, aanplakzuilen, lantaarns, metrohekken, affiches, reclameopschriften, papierflarden, courantenkiosken, straatvuil, tramrails, banken, brandmelders. Een onweer van geluiden: bellende tramwagens, ratelende karren, gillende locomotieven, fluitende verkeersagenten, schreeuwende courantenverkoopers, ronkende automobielmotoren, gierende wielen in railsbochten. Een machine, met een met duizelingwekkende snelheid bewegende samengestelde ap-

Sluiten