Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor een arm man als vader, om hem een deftig oude-heeren aanzien te geven. Je weet hoeveel ik van vader gehouden heb, van hem en van jou en verder van zeer weinigen. Ik heb jou en je broer Nico altijd geleerd hem de achting te geven, die hem toekwam. Maar jullie hebben, helaas, nooit geleerd eerbied voor eenvoudigen te hebben en die ééne uitzondering, die ik voor m'n vader maakte, wilden jullie niet navolgen. Mijn vader heeft van ons beiden, van mij en van je oom Simon, met wien ik kwaad was, als een hond van zijn meester gehouden, maar voor mij, z'n oudste, had hij een ware vereering. Voor mij zou hij alles gedaan hebben. Hij was een vroom man en zijn bezoeken aan de synagoge waren zijn eenige vreugde en z'n eenige afleiding, toen hij niet meer hoefde te werken. Maar als ik 't hem gevraagd had, zou hij God geloochend hebben: als ik het gewild had, zou hij zelfs van geloof veranderd zijn. M'n moeder, die je niet meer gekend hebt, zag net zoo tegen vader op als hij tegen mij. Ze waren alleen gelijke kameraden in hun verzorging en vereering van mij.

Ik was als klein kind al heel erg leergierig. Uit een oud A.B.C.-boek leerde ik mezelf spellen en al gauw — ik was vier jaar pas — kon

Sluiten