Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

samen gezeten, na het avondmaal, na den moeden das vart

was er niet dat vreemde dat nu ieder, op zich zelf deed peinzen dan was er rust, dan was alles wat achteT hen la« of voor hen stond m de komende dagen, evenwichtig beUn* ken in hun geest en m hun hart S

dae dot hih£ hiCu bi,jeen te 2ljn' alsof Z€ elka*' den dag door hebben gezocht. Lauwerijns en Monne zijn nou

het t/T n d°endue' ZC h?°ren Monne daarbuiten ovef het hof stappen, ze hooren hem de ketting van den put neerlaten, en dan gaat hij weer terug. Liene^n het jongde

KT 21Jn "2* * d,er\S,ta, LMaar * komen »o dade h,k allen hier, en dan zal Doka het rozenhoedje voorlezen Nu voelen ze meer dan ooit dat een zelfde band hen ïn elkander bindt, dat ze een zijn in het huis van Peter ColTe en de afstand W ^jn Alleen de oude Mien f8 erTe*

SS? 7 ^ muZÏ-h Zelf- Hoe lang is die ™ «

dood ?... Zeven jaar, acht jaar ?... Mien was met de hoeve-

TnTeX8 K°men J060 2C °P hCt ¥ kwam a,s de ™uw van den heereboer, dat was een goede trouwe ziel geweest

die oude Mien, en ze hadden haar allemaal ergernis '

En ze waren ook blij dat Herman gekomen was. Want ze

wisten wel dat de hoevevrouw het meest van haar jonasten

zoon hield, en als hij onder de vacantie op het hof wTkon

men dat aan al haar doen wel merken. Voor hen zelf was

Herman zoo wat vervreemd, hij behoorde tot iets hoogers

SLEf T? un levei\van ,hen weg. Voor hen gold alleen fons, de toekomstige heereboer

binnen„met het jongste dienstmeisje. Zij

vl-fi iï\bhkken .m?lkemmer onder het raa™. waar hi vaal te blinken staat m het licht van de haardvlammen, en zi zetten zich bij de anderen. Liene spreekt ook geen woord Dan komen Lauwerijns en Monne. Het is buiten een natte

t&dEsttsJL*-treden ***** -

— « Kom hier zitten, Liene, » zegt Sander. Hij geeft

Sluiten