Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weemoedig van, en ze had boterhams bij met rauw hesp en we aten die gelijk op.

„En als ge iet zoudt mankeeren Charel, dan moet ge 't maar zeggen. M ij n hert is nog altijd hetzelfde, ik verander zoo gauw niet van gedacht."

Dat zei ze op het leste toen we gereed stonden om naar de statie te gaan en ik droeg heur pakske. Ze vertelde me onder weg ook nog dat die van 't enregistrement sedert maanden niet meer over heuren dorpel was geweest en dat sommige menschen ook wilden hebben dat het kind van Belle-Tet uit den Vuurtoren van hem was, en dat deed me plezier.

Het bezoek van Sefie had me een bitje koerazie gegeven, en het is eigenlijk de leste dag van mijn miserie geweest, want 's anderdaags liep ik langs een buroo van de Duitschen, en op een affiske dat tegen de ruit was geplakt stond te lezen dat ge vijfhonderd mark kost verdienen met een spion aan te brengen. Ik dacht direkt aan dien stamp dien Lewie van Jan Kweddel me gegeven had. Die loebas verdiende niet beter, en was 't iemand anders geweest dan zou 't me nog niet in mijn gedacht gekomen zijn. — Ik ging een koppel straten rond, ik neep mijn handen in de tesschen van mijn frak ineen van de jachtigheid die in me zat.

Acht dagen naderhand trok ik vijfhonderd mark en ik verhuisde direkt.

Sluiten