Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hand tegen de wang gedrukt. En Alfredo heeft z'n strop. Nu, in haar kamer, houdt Ahce de jarretelles eens bij haar kousen. Ze heeft nu 'n rose en 'n blauw paar! Ja... die amber ketting! Daar moet ze nog even over nadenken, Charlotte vindt 'm toch wel mooi, al zegt ze ook van nee. In gedachten laat Ahce het snoer tusschen haar vingers glijden.

De brief, ja, de brief hgt weer op signor' Alfredo's tafeltje, en wat ze er onder heeft geschreven zal hem het bloed doen stollen, - ze zou het niet graag luid uitspreken; geschreven heeft ze 't met vreugde.

Zal ze wakker bhjven? Ja natuurlijk: wakker blijven en luisteren. Geen spektakel maken als de deugniet komt; dan zou alles wakker worden. Bovendien, eerhjk, wat kan ze hem met goed fatsoen verwijten? Neen, ze weet beter. Ze zal hem 'n glas water naar 't hoofd kletsen als hij voor Charlotte's dichte deur staat te morrelen. Water is 'n argument, dat zich aan geen weerspraak stoort. Water is ook vernederend. Water gooit men naar 'n Maartsche dakhaas. Ziezoo, nu staat op haar tafeltje het glas water klaar. Haar deur op 'n kier, - dan hoort ze m komen. In afwachting van de gebeurtenissen kan ze zoolang onder de dekens stappen en nog eens over haar conferentie nadenken van vanmiddag.

Maar als signor' Alfredo omstreeks één uur in de nacht door de gang sluipt, vol verwachting de deurknop van Charlotte's kamer omdraait en dan 'n Italiaansche verwensching voor zich heen mompelt, heeft de gezonde natuur van Ahce het tegen haar opkomende slaap afgelegd.

'n Ander luistert met kloppend hart naar het geschuifel in de gang.

Chadidscha.

Sluiten