is toegevoegd aan uw favorieten.

Charlotte's groote reis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

postzegels tot 1900. Hij voelt zich verplicht het brandende vraagpunt op te lossen: moet zij zoo'n armband dragen of met> Aanvankelijk oordeelt hij: neen, daarna: misschien. O, ze weet wel waarom zij deze armband draagt! Het zacht rinkelende gouden muntje lokt onopvallend de aandacht op haar fijne polsen met de paarlemoerachttg schemerende huid, Voor hem, Strijbos, had ze 't overigens niet hoeven te doen. - hij heeft zóó wel gezien...

Opeens stijgt hem het bloed naar het hoofd. Voor hem heeft ze de armband omgedaan,^/ voor hem en voor niemand anders. De heele reis heeft ze zonder armband aan tafel gezeten; dat rinkelende muntje zou hem anders al honderd maal zijn opgevallen. De heele reis . .. tot op vandaag. Dus dat heeft ze gemérkt, dat hij vanmiddag op haar handen heeft zitten kijken. Zelfs dat is gevaarlijk;zelfs dat ontgaat zoo'n vrouw nietl Voor de zooveelste maal blameert hl) zich voor haar. En zij moet nu wel denken...! Maar waarom is hij ook zoo'n ezel! Strijbos, kerel, herken ji] jezelf nog?

Nu is het uit. Nu zal hij ook niet meer naar haar handen kijken. Nog twee weken, nog twaalf dagen, en 't is geleden.

Wat hebt u daar voor 'n aardige armband, juffrouw Charlotte?" vraagt de kaptein en bukt zich bewonderend over haar pols.

Er wordt gelachen aan tafel; men is vroolijk, - alleen meneer Strijbos kijkt op z'n bord, neemt aan mets deel, schiint geheel afwezig. Wie hem even scherp aankijkt, voelt: zijn zwijgen is geen offensief meer; het is tegen niets en niemand gericht dan misschien tegen zichzelf. Daar zit iemand, die met 'n gezelschap niet méé kan doen hulpeloos op z'n bord staart en nu van armoede maar dadehjk na tatel opstaat, 'n onhandige groet stamelend zonder er iemand bij

aan te durven zien.

„Meneer Strijbos?" vraagt Charlotte.

Verward bhjft hij staan, kijkt haar aan. Sinds .zij op de hondewacht uit het duistere Niets als droombeeld voor hem verschenen is, heeft de stuurman haar gelaat met meer gezien. Zij houdt het hoofd 'n weinig gebogen, zoodat haar lachende oogen dadehjk onder de wenkbrauwen schuilen, ™ met haar allervriendelijkste stem (zoo spreekt ze anders