is toegevoegd aan uw favorieten.

Een stoombootje in den mist

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met aarpelschülen en bij dreigt weerom... hij zal ze, hij zal ze. Maar als hij nader stuift en veel plaats is er niet in hun scheepskeuken... dan zitten ze lachend en valsch, gereed met opgeheven aarpelmessen. Hè... net valsche katten, veldkatten, ongenaakbaar. En hij denkt, dat ze toesteken zullen ook, als hij dichterbij komen durft. Waarom is het in de natuur altijd zoo geregeld, dat al 't aangename omrasterd is met prikkeldraad? Rijkdom en geluk met vrouwen... 't is allemaal voor anderen. Voor hem is 't nacht en dag werken als dekknecht en... een zeer hoofd. En aan den wal wat bier en wat kaartspel met andere varensgezellen.

Vaak heeft hij gedacht, als hij jonge gasten zag uittrekken achter 't avontuur aan, met veerende zwiepende beenen, een schuine pet op den verdomd brutalen jongenskop ... dat jonk is nou zóó uit het nest gekropen en zóó voor vreugd bestemd. En jonge meiden kennen geen medelij, ze zoeken hun soort, zij zoeken dat, wat heur 't beste past. Hij valt daar buiten, ook al houdt hij stijf z'n pet op zijn glibberkop.

Door dat jonkvolk worden ze beduveld... maar ze willen beduveld worden; dat schijnt er bij te hoor en, al vat een man dat zoo ree niét. Door 't jonkvolk worden ze geslagen, direct als er drank bij te pas is gekomen, maar ze willen geslagen worden; dat schijnt er óók al bij te hooren. Het is hem duister.

Een ding is hem klaar. En daarvoor hoeft hij geen twee dagen in den mist op den Krammer te Rggen met de Maalstroom IX hij staat naast het vrouwenplezier. Maar heden toch heeft hij zijn kans. Als nu die hellejonken maar niet altijd bij elkare bleven, en hij had er een alleen (welke, dat is hem wel zoowat gelijk) dan zou hij toch durven en een afspraak uitzetten, in Rotterdam.