Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En dan staan we stil bij

I. de verborgenheid, waarin Christus niet, en II. de openbaring, waarin Christus wel aanschouwd wordt.

I. Dit evangelie der opstanding begint met ons te spreken van een verborgen Christus.

Jezus staat aan den oever, maar de discipelen weten niet, dat het Jezus is, en dit niet-weten moet onze aandacht strak spannen. Want de geschiedenis van Paschen stelt ons keer op keer voor deze wondere houding van de jongeren tegenover den Meester, met Wien ze jarenlang dag aan dag hebben omgegaan. Maria van Magdala ziet in den hof van Jozef vlak voor zich den Meester, en... zij wist niet, dat het Jezus was. De wandelaars naar Emmaus loopen twee uren lang met den Heiland, en... hun oogen werden gehouden, dat zij Hem niet kenden. De discipelen hooren Jezus' stem: vrede zij ulieden, en zij... verschrikt en zeer bevreesd geworden zijnde, meenden, dat zij een geest zagen. En hier staat Christus op den oever, en de jongeren zien Hem, en zij wisten niet, dat het Jezus was. Hoe is die onbekendheid met den Meester te verklaren, en vanwaar die telkens terugkeerende verborgenheid van Jezus in de geschiedenis van Zijn verrijzenis? Het antwoord op deze vragen kan niet liggen in een bloot-natuurlijke verklaring van dit niet-weten en dit nietherkennen. Zulk een verklaring is wel gewaagd, en men heeft gemeend dat Maria wegens haar tranen en de Emmaus-gangers door hun groote somberheid en de jongeren aan de zee van Tiberias wegens den afstand en het drukke werk den Meester niet herkenden, maar al deze meeningen blijven ver van de oorzaak af. Hier, aan het meer van Galilea, kan althans de afstand geen belemmering zijn, want de discipelen hooren heel duidelijk Jezus' stem en wat Hij vraagt, en, gesteld dat Zijn gelaat en gestalte niet scherp te onderscheiden waren, had toch Zijn stem in hun ziel den jubel moeten wekken: Het is de Heere.

Voor het niet-kennen moet er een andere reden zijn.

De verborgenheid van Jezus schuilt veel en veel dieper dan in natuurlijke oorzaken.

Zij hangt ten nauwste samen met de opstanding van den Heiland, want zij komt ook pas voor na de verrijzenis van Christus uit de dooden.

Vóór Zijn opstanding, wanneer Hij op aarde rondwandelt, lezen we van een niet-te-herkennen Jezus niets, maar nu de vernedering ten einde en de versmading des doods verwonnen is weten de discipelen niet, dat het Jezus is.

Hoe dan?

Gekroond

4

Sluiten