Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7. Ad faciendam vindictam in nationibus: increpationes in populis.

8. Ad alligandos reges eorum in compedibus: et nobiles eorum in manicis ferreis.

9. Ut faciant in eis judicium conscriptum: gloria hanc est omnibus sanctis ejus. Alleluia.

7. om wraak te oefenen op de heidenen, strafgerichten op de volken,-

8. om hunne koningen met voetkluisters te knevelen en hunne aanzienlijken met ijzeren handboeien,

9. om een beschreven oordeel aan hen uit te voeren. Dit is de roem van al zjjjne heiligen8). Alleluia!

PSALMUS CL. PSALM CL.

Gode zij de hoogste lof!

God worde om zijne macht en majesteit geprezen (v. 1—2) op alle speeltuigen (v. 3—5) en door alle menschen (v. 6)!

1. Alleluia.

Laudate Dominum in sanctis ejus: laudate eum in firmamento virtutis ejus.

2. Laudate eum in virtutibus ejus,: laudate eum secundum multitudinem magnitudinis ejus.

1. Alleluia1)!

Looft den Heer in zijn heiligdom, looft Hem in het uitspansel zijner kracht*)!

2. Looft Hem om zijne machtsbetooningen, looft Hem naar den overvloed zijner grootheid8)!

den, d. i. den moed en de macht, om op hunne beurt (v. 7—8) wraak te oefenen op de heidenen en zoo een oordeel aan hen (v. 9) te voltrekken, zooals dat van oudsher reeds door God geveld en (Deut. XXXII 41—48) beschreven werd, of zooals er, blijkens Gods geschreven woord, oudtijds een aan de Chanaanietische volken werd voltrokken. Boezemde Gods hulp te dien tijde den Israëlieten wellicht de hoop in, dat zij die strafgerichten naar de letter zouden kunnen uitvoeren, toch werden de woorden van den Psalmist veeleer in een hoogeren zin vervuld, toen het woord der Christelijke openbaring «scherper dan een tweesnijdend zwaard» (Hebr. IV 12) van Judea uitging om de koningen en aanzienlijken der heidenen geheel en al aan God en zijnen Gezalfde te onderwerpen.

8) Die eer zal te beurt vallen aan alle ware dienaren Gods. _ — Niet weinigen zien in den letterlijken, anderen m den mystischen zin van dezen Psalm eene aansporing tot dé leden der Kerk (v. 1) gericht om zich (v. 2) in God en in- hunnen koning

Christus te verheugen en Hem (v. 8) blijmoedig te prijzen wegens zijn welgevallen (v. 4), waarmede Hij hen tot zijn volk heeft uitverkoren en hen, indien zij getrouw zijn, tot heil en verheffing zal brengen in den hemel. Daar (v. 5) zullen zij juichen in eer en vrede en God (v. 6a) verheerlijken; daarenboven zullen zij (v. 66—9) eens den roem hebben, met Christus de wereld te oordeelen.

") Deze Psalm, die, naar het schijnt, opzettelijk ten gebruike bij de openbare godsdienstoefening gedicht werd, vormt een passend en waardig slot van het Psalter; hij geeft aan, voor wien, door wien en hoe de lof, dien alle Psalmen verkondigen, dient gezongen te worden.

*) Looft God, die in zijn heiligdom hier op aarde, maar ook daarboven in den hemel zetelt in al zijne kracht en heerlijkheid. Volgens anderen: Looft God in het heiligdom van den hemel, zijn hecht en duurzaam uitspansel.

*) Hier worden ongetwijfeld bij uitstek die machtsbetooningen bedoeld, welke God deed ten bate van zijn volk. Om

Sluiten