Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

33. Quae vita est ei, qui minuitur j viho?

34. Quid defraudat vitam? Mors.

35. Vinum in jucunditatem creatum est, et non in ebrietatem, ab initio. Ps. CIII15.

86. Exsultatio animae et cordis vinum moderate potatum.

37. Sanitas est animae et corpori sobrius potus.

38. Vinum multum potatum irritationem, et iram, et ruinas multas facit Prov. XXXI 4.

39. Amaritudo animae vinum multum potatum.

40. Ebrietatis animositas, imprudentis offensio, minorans virtutem, et faciens vulnera.

41. In convivio vini non arguas proximum: et non despicias eum in jucunditate illius:

42. Verba improperii non dicas illi: et non premas illum in repetendo.'

33. Wat leven beeft hij, wien het aan wijn ontbreekt!

34. [Wat berooft van het leven? De dood.]

35. De wijn is geschapen tot vreugd27) [en niet tot dronkenschap, van den beginne af].

36. Verheuging van ziel en hart is de wijn, matig gedronken.

32. [Gezondheid voor ziel en lichaam is een matige dronk.

38. Onmatig gedronken, veroorzaakt de wijn prikkelbaarheid en gramschap en veel ellende.]

39. Verbittering des gemoeds is wijn, onmatig gedronken.

40. De opgewondenheid der dronkenschap leidt den dwaas tot beleediging, zij ondermijnt de kracht en slaat wonden28),

41. Bij een drinkgelag richt geen verwijt tot den naaste, en bespot hem niet in zqne vroolijkheid.

42. Werp hem geen schimpwoorden naar het hoofd, en val hem niet lastig met schuldvorderingen29).

leven voor de menschen. Dienovereenkomstig zal men het vers naar den verbeterden grondtekst aldus moeten lezen: «Als water des levens is de wijn voor de menschen, waaneer hij dien matig drinkt». Mogelqk luidde de oorspronkelijke lezing der Itala; «aqua vitae».

") Naar Hebr. vormen v. 33 a en 35 a één vers: «Wat is het leven van hem. wien het aan wijn ontbreekt? Want hij is van den beginne tot vreugd geschapen». Al het andere is verklarend toevoegsel.

,s) Naar den gezuiverden en herstelden grondtekst luiden v. 36—40 (3 verzen): «Vreugde des harten en blijdschap der ziel is de wijn, matig gedronken. Hoofdpijn, verbittering en schande brengt de wijn, gedronken in twist en toorn. Veel wijn is voor den dwaas een val, ondermijnt de kracht en slaat vele wonden».

") Naar Syr. (in Hebr. bleef dit vers niet behouden) vermoedelijk beter: «en scheld hem in tegenwoordigheid der menschen niet uit».

Sluiten