Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

20. Ante omnia opera verbum verax praecedat te, et ante omnem actum consilium stabile.

21. Verbum nequam immutabit cor: ex quo partes quatuor oriuntur, bonum et malum, vita et mors: et dominatrix iilorum est assidua lingua. Est vir astutus multorum eruditor, et animae suae inutilis est.

22. Vir peritus muitos erudivit, et animae suae suavis est.

23. Qui sophistice loquitur, odibilis est: in omni re defraudabitur.

24. Non est illi data a Domino gratia i omni enim sapientia defraudatus est.

25. Est sapiens animae suae sapiens: et fructus sensus illius laudabilis.

26. Vir sapiens plebem suam eru-

strophe van 10 verzen) van wie waarachtig wijs zijn en zich door hunne goede raadgevingen nuttig maken voor hun volk en on vergankelij ken roem verwerven.

") De zin van den oorspronkelijken tekst valt uit de Vulgaat nauwelijks te erkennen. Lees naar Hebr. en Gr.:«Het begin van alle werk is het woord, en voor elke daad (is) het overleg». Woord heeft hier den zin van «gedachte», is synoniem met overleg. Het vers wil zeggen: Alle handelingen van den mensch, goede en kwade, gaan uit van overleg.

") Van deze plaats geven de ver* schillende teksten de meest uiteenloopende lezingen. Alleen Hebr. heeft een volmaakt goeden, zin: «De wortel der overleggingen is het hart; hij (de wortel) laat vier takken ontspruiten, goed en kwaad, leven en dood; en daarover voert volkomen de tong heerschappij». Gaat aan alle handeling overleg vooraf, dat overleg is ten goede of ten kwade naar gelang het hart of de gezindheid des menschen goed of kwaad is. Uit een boos hart komen voort kwaad en dood (vgL Matth. XV 19), uit een goed hart goed en leven. Over alles echter voert de tong volkomen heerschappij (vgl. Jac. III), in zooverre de uiting der goede en kwade gevoelens door

20. Vóór alle werken lichte u voor een [waarachtig] woord, en vóór elke daad een [vaste] raad18).

21. Het [booze] woord bederft het hart; daaruit ontspringen vier dingen : goed en kwaad, leven en dood, en daarover voert gestadig de tong heerschappij-4). Er zijn schrandere mannen, die velen tot leering zijn, maar voor zich zelf van geen nut. [22. Er zijn mannen van ervaring, die velen onderrichten, tevens nuttig voor zich zelf.]

23. Wie drogredenen bezigt, maakt zich gehaat; van alles zal hij verstokeu zqn18).

24. Hem werd door God geene genade gegeven; het ontbreekt hem immers aan alle wijsheid16).

25. Er zqn wijzen, die wijs zijn voor zich zelf, en de vrucht van hun inzicht is lofwaardig17).

26. Er zijn wijzen, die leermees-

het woord die gevoelens versterkt en bij anderen ingang doet vinden; vgl. Prov. XVIII 21. Wie nu, die wijs is, heeft van zqne wqsheid genot en sticht er nut mede? Op die vraag antwoordt hetgeen tot v. 29 volgt.

") Naar den gezuiverden grondtekst zal men v. 21e—23 aldus moeten lezen: «Er zijn wijzen, die voor velen wijs handelen, maar voor zich zelf dwaas (v. 22 der Vulgaat is herhaling van dit vers naar andere lezing). Er zijn wijzen, die met hunne woorden veracht worden, en wien het aan alle genot (geluk) ontbreekt». Twee soorten van wijzen worden hier genoemd, wien hunne wijsheid geen geluk aanbrengt. Die van de eerste soort zijn, schoon wijs voor anderen, onwijs voor zich; die van de tweede worden miskend en uitgelachen; zoo wordt juist hunne wijsheid voor hen eene oorzaak van verlatenheid en verdriet. 'Naar de Vulgaat zijn die van de tweede soort waanwijzen, die zich door hunne betweterij, door hunne twist- en drogredenen hatelijk maken.

") Dit vers komt in Hebr. niet voor en is blijkbaar eene glosse op v. 23. _1T) Hebr.: «Vertoont zich aan hun lichaam». De zin schijnt: Men ziet het hun aan dat zij (voor zich) verstandig leven.

Sluiten