Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

quis poterit habitare de vobis cum igne devorante? quis habitabit ex vobis cum ardoribus sempiternis ?

15. Qui ambulat in justitiis, et loquitur veritatem, qui projicit avaritiam ex calumnia, et excutit manus suas ab omni munere, qui obturat aures suas ne audiat sanguinem, et claudit-oculos suos ne videat malum. Ps. XIV 2.

16. Iste in excelsis habitabit, munimenta saxorum sublimitas ejus: panis ei datus est, aqu» ejus fideles sunt.

'17. Regem in decore suo videbunt oculi ejus, Cernent terram de longe.

18. Cor tuum meditabitur timorem: ubi est litteratus? ubi legis verba ponderans? ubi doctor parvulorum? ƒ Cor. I 20.

chelaars aan! Wie van u zal kunnen wonen bij verslindend vuur, wie van u zal wonen bij eeuwige vlammen12) ? 6

15. Wiö in gerechtigheid wandelt en waarheid spreekt, wie gewin door afpersing verwerpt en van zijne handen alle geschenk afschudt, wie zijne ooren stopt om van bloedvergieten niet te hooren en zijne oogen sluit om geen kwaad te zien18).

16. Die zal in de hoogte wonen, burchten op rotsen zijn zijn verheven verblijf; brood wordt hem gegeven, water heeft hij altoos14).

17. Den koning in zijnen luister zullen zijne oogen zien, aanschouwen zullen zij het land in wijden omvang15).

18. Uw hart zal de vreeze overpeinzen: Waar is de geletterde? waar hij, die de woorden der wet woog? Waar de leeraar der kleinen16) ?

) Het wraakgericht over Assur zal de zondaren in Jerusalem vervullen met heilige vreeze voor Gods oordeelen. Verschrikt vragen zij zich af: Wie «van ons» (Hebr.) zal enz. Immers God is ook voor zijn zondig volk «een verslindend vuur» (Deut. IV 24); vgl. XXXI 9. Het antwoord op de vraag volgt in v. 15. Zie Ps. XXIII 3, volg.

") De profeet beschrijft den rechtvaardige (vgl. Ps. XIV) en stelt hem tegenover de grooten van Jerusalem, die destijds zich aan al de hiergenoemde ongerechtigheden schuldig maakten. Gerechtigheid, het meervoud der Vulgaat (in justitiis) ziet op de vele eischen door de gerechtigheid gesteld; van bloedvergieten hooren is luisteren naar nea, die door woord of voorbeeld tot doodslag of gewelddadigheden aanzetten.

") Het loon der deugd is veiligheid onder Gods hoede, hier, op de wijze der Psalmen (zie Ps. XVII noot 3), als een wonen op ontoegankelijke hoogten m op stede rotsen gebouwde burchten geschilderd; daar is men veilig tegen alle aanslagen. De belofte van Gods zegeningen wordt uitgedrukt door de

| woorden brood enz. met het oo°- on de aanstaande belegering. , Dfn .thans m treurgewaad gehuldén koning (XXXVII 1) zullen zijne oogen, de oogen van den rechtvaardige m zijn koninklijken luister aanschouwen, en het thans door de vijanden benauwde en ingesloten land in wijden omvang overal veilig zien.

•) Het doorgestane leed zullen zij ÜL^!nne £erlof ing met blijdschap

zie mt-^'/Slet*?rd-e> de ™a« W (zie XXXI noot 2), die in zijne wijsheid

rn«Lnaad i8,** T EgyPte's hulp in te v^P v'vt8] beschaanid zich verbergen, AA1XJ14; die de woorden der wet woog, de valsche leeraar der wet die voorgaf ieder woord zorgvuldig té wegen, de leeraar der kleinen: der kleinmoedigen — zij allen zijn dan ondanks vrf ïShlte *cl?ande geworden; v°:„t T k Volgens sommigen

£ 1 Cor-,I,20 hier°P gezinspelld. ™ ^grondtekst zien deze woorden VLirl fyners' wier «tocht men nauwelijks kan gelooven: «Waar is de sopheer» de schrijver, waarschijnlijk de inyorderaar der schatting, «waar

onnS V de V«er' die het te betalen goud en zdver afwoog en keurde, «waar

Sluiten