Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Quia ecce tenebrae operient terram, et caligo populos: super te autem orietur Dominus, et gloria ejus in te videbitur.

3. Et ambulabunt gentes in lumine tuo, et reges in splendore ortus tui.

4. Leva in circuitu oculos tuos, et vide: omnes isti congregati sunt, venerunt tibi: filii tui de longe venient, et filia? tuae de latere surgent. Supra XLIX 18.

5. Tune videbis, et afflues, mirabitur et dilatabitur cor tuumquando conversa fuerit ad te multitudo maris, fortitudo gentium venerit tibi:

6. Inundatio camelorum operiet te, dromedarii Madian et Epha: omnes de Saba venient, aurum et thus deferentes, et laudem Domino annuntiantes.

7. Omne pecus Cedar congregabitur tibi, arietes Nabaioth ministrabnnt tibi: offorentur super placabili

2. Want zie, duisternis bedekt de aarde en donkerheid de volken-); maar over u zal de Heer opgaan, en zijne heerlijkheid zal in u verschijnen.

3. En volken zullen wandelen naar uw lieht, en koningen naar den glans, die over u opgaat8).

4. Sla uwe oogen op in het rond en zie! Alle dezen verzamelen zich, zij komen tot u; uwe zonen zullen van verre komen, en uwe dochteren van ter zijde opstaan4).

5. Alsdan zult gij zien en overvloeien, uw hart zal verwonderd zijn en zich verruimen, wanneer zich tot u wendt de menigte der zee, de kracht der volken tot u komt*).

6. Een stroom van kameelen zal u bedekken, dromedarissen van Madian en Epha; van Saba zullen allen komen, goud en wierook aanbrengend en den lof des Heeren verkondigend6).

7. Al het vee van Cedar zal tot u verzameld worden, de rammen van Nabajoth zullen u ten dienste staan;

heffen; want het aan Sion beloofde licht der wereld, zie XLII 6; XLIX 6, de Zon der gerechtigheid, zie Hal. IV 2, tornt, en de heerlijkheid des Heeren, vroeger zichtbaar boven den tabernakel, openbaart zich in het menschgeworden Woord over de gansche stad, welke hierdoor herschapen wordt in een nieuw en hemel sch Jerusalem (Gal. V ?£: X-ï 22> 23; Apoc. XXI

2» 10). de Kerk van Christus.

) Duisternis van zonde en dwaline • vgl. Act. XXVI 18.

*) In met den ablatief in plaats van een accusatief is in de Vulgaat gebruikelijk. De optocht van volken en koningen naar het van licht glanzende Sion beteekent evenals II 3 de komst der heidenen tot de Kerk van Christus De Wijzen van Matth. II 1 waren de eerstelmgen.

*) Van verre en van ter zijde kan beteekenen van de lengte en de breedte h j*rïS* In PIaats vw» sur gent hebben de H. Hiëronymus en enkele oude

handschriften sugent, wat volgens genoemden Kerkvader beteekent, dat de kinderen der Kerk uit de borst hunner Moeder de melk der apostolische leer zullen drinken; vgl. LXVI 11. Hebr.: «uwe dochteren zullen aan de zijde (op de heupen der voedster gezeten, volgens Oostersch gebruik) gedragen worden». Vgl. XLIX 22: LXVI 12.

•) Overvloeien of «stralen» (Hebr.) van vreugde. De menigte der zee, d. i. de talrijke volken van net verre Westen, die met hunne kracht, d. i. hunne rijkdommen, naar Sion komen.

*) Kameelen om de kostbaarheden der oostelijke en zuidelijke handeldrijvende volken aan te voeren. Madian 'is een Arabische volksstam, waarvan Epha (Gen. XXV 2, 4), aan de oostelijke kust van de Elamietische golf, een tak was. Saba (niet te verwarren met Saba van XLIII 3; XLV 14) in Zuid-Arabië, het goudland, van waar de koningin tot Salomon kwam, zie III RegTx.

Sluiten