Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

10. Mater tua quasi vinea in sanguine tuo super aquam plantata est: fructus ejus, et frondes ejus creverunt ex aquis multis.

11. Et facta? sunt ei virgas solides in sceptra dominantium, et exaltata est statura ejus inter frondes: et vidit altitudinem suam in multitudine palmitum suorum.

12. Et evulsa est in ira, interramque projecta, et ventus urens siccavit fructum ejus: marcuerunt, et arefactas sunt virgas roboris ejus: ignis comedit eam. Os. XIII15.

18. Et nunc transplantata est in desertum, in terra invia, et sitienti.

14. Et egressus est ignis de virga ramorum ejus, qui fructum ejus comedit: et non fuit in ea virga fortis, soeptrum dominantium. Planctus est, et erit in planctum.

10. Uwe moeder was als een wijnstok, door uw bloed, aan het water geplant; zijne vruchten en zijn loover groeiden wegens de vele wateron10).

11. En hij bekwam stevige takken tot koningsschepters, en boog verhief zich zijn stam tusschen het loover; en hij zag zijne hoogte bij de menigte zijner ranken11).

12. En hij werd uitgerukt in gramschap en ter aarde neergeworpen; en de brandende wind deed zijne vrucht verdrogen; de takken zijner kracht verwelkten en verdorden, vuur verteerde hem12).

13. En nu is hij overgeplant in eene woestijn, in een onbegaanbaar en dorstig land13).

14. En vuur is uitgegaan van een twijg zijner takken, en het heeft zijne vrucht verteerd; en aan hem was geen krachtige twijg, geen koningsschepter. Een klaaglied is het, en het zal zijn tot een klaaglied11).

ken uit de gewesten van het Babylonische rijk bijeen; door hen werd hij overwonnen, in eene hinderlaag bij Jericho als in hun net (zie XII 13; XVII 20) of «in hunnen kuil» gevangen, naar den koning van Babyion gebracht, vervolgens naar Chaldea gevoerd en levenslang in eenen kerker opgesloten; zie IV Reg. XXV 5—7 en Jer. LH 8—11. Joakim daarentegen stierf te Jerusalem (IV Reg. XXIV 5; vgl. Jer. XXII 19). En Joachin, op wiens korte en krachtelooze regeering de woorden van v. 6 en 7 nauwelijks passen, werd niet gevangen genomen, doch gaf zich aan de Chaldeën over; zie IV Reg. XXIV 12.

") Uwe moeder, dezelfde als in v. 2 (zie noot 2), was als een aan het water geplante^m. vruchtbare wijnstok (zie XV en XVII), door uw bloed, wat beteekenen kan: door uw koninklijk kroost, dat gij voortbracht.

u) De takken van den wijnstok beteekenen de zonen der moeder, die koningen werden. En hij zag enz.,

Hebr.: «hij werd gezien wegens zijne hoogte, wegens de menigte zijner ranken», m. a. w. de moeder werd beroemd om de koningen uit haar voortgesproten.

") De wijnstok werd uitgerukt, d. i. het geslacht dier moeder werd van den troon beroofd. De brandende wind (vgl. XVII 9, 10) en vuur zijn zinnebeelden der vijandelijke machten (BabyIon en waarschijnlijk ook Egypte), door wie de zonen der moeder (de vrucht van den wijnstok) in ballingschap werden gezonden; zie de noten 4 en 9.

") Nu is de weleer vruchtbare wijnstok tot onvruchtbaarheid gedoemd als een op een dorren zandgrond geplante stok.

") Sedecias, een twijg zijner takken, was door zijnen opstand de oorzaak, dat de koninklijke wijnstok geheel ten gronde ging. En dit uiteinde is het treurige onderwerp van dit klaaglied en zal dat nog meer worden door de vervulling.

Sluiten