Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Et mittam ignem in Moab, et devorabit aedes Carioth: et morietur in sonitu Moab, in clangore tubae:

3. Et disper dam judicem de medio ejus, et omnes principes ejus interficiam cum eo, dicit Dominus.

4. Haec dicit Dominus: Super tribus sceleribus Juda, et super quatuor non convertam eum: eo quod abjecerit legem Domini, et mandata ejus non custodierit: deceperunt enim eos idola sua, post quae abierant patres eorum.

5. Et mittam ignem in Juda, et devorabit aedes Jerusalem.

6. Haec dicit Dominus: Super tribus sceleribus Israël, et super quatuor non convertam eum: pro eo quod vendiderit pro argento justum, et pauperem pro calceamentis.

7. Qui conterunt super pulverem terras capita pauperum, et viam humilium declinant: et filius ac pater ejus ierunt ad puellam, ut violarent nomen sanctum meum.

2. En Ec zal vuur afzenden over Moab, en verteren zal het de paleizen van Carioth3); en sterven bij krijgsalarm zal Moab, bij bazuingeschal4).

3. En uitroeien zal Ik den rechter5) uit zijn midden, en al zijne vorsten zal Ec met hem dooden, zegt de Heer.

4. Dit zegt de Heer: Wegens drie misdaden van Juda, ja wegens vier zal Ec. het niet afwenden6): omdat hij de wet des Heeren afgeworpen, en zijne geboden niet onderhouden heeft; want verleid hebben hen hunne afgoden, welke hunne vaderen hadden nageloopen.

5. En Ik zal vuur afzenden over Juda, en verteren zal het de paleizen van Jerusalem7).

6. Dit zegt de Heer8): Wegens drie misdaden van Israël, ja wegens vier zal Ec het niet afwenden: omdat hij den schuldelooze verkocht heeft voor geld, en den arme voor een schoeisel8).

7. Die de hoofden der armen vertreden op het stof der aarde10) en den weg der geringen krommen11); en de zoon en zijn vader gaan naar de jonge maagd, ten einde mijn heiligen naam te onteeren12)!

*) Carioth, de hoofdstad van Mqab. 4) Dit geschiedde vooral onder Nabuchodonosor. 6) Den koning.

°) De profeet bedreigt Juda tot zijne beschaming in dezelfde bewoordingen als de heidensche volken, aan wie net door zijne zeden was gelijk geworden.

*) Dit vonnis werd voltrokken door Nabuchodonosor.

") Na al de volken in het rond te hebben bedreigd, wendt de profeet zich thans tot het rijk van Israël, waarmede hij zich in het vervolg gaat bezig houden.

8) Het eerste verwijt treft de rechters, die zich voor den geringsten prijs (b. v. een schoeisel) lieten omkoopen om den onschuldige te veroordeelen en den arme te benadeelen. Volgens den grondtekst veroordeelden zij den arme tot

slaaf van zijnen schuldeischer «om een paar schoenen» d. i. om de geringste schuld.

'") Eene andere misdaad is de onderdrukking der armen, die zij tot de uiterste ellende brengen door afpersingen. Hebr.: «die smachten naar stof der aarde op der armen hoofd», d. i. die er op uit zijn om de armen in jammer te storten, zoodat dezen ten teeken van rouw zich het hoofd met stof bedekken.

") d. i. Den weg des rechts of der deugd krommen zij door den geringen (Hebr. «den schuldeloozen») hun recht te onthouden, of hen van het pad der deugd af te leiden.

") Zij pleegden bloedschande tegen de wet (Lev. XVIII 7, 11, 20). Wat smaad voor Jehova, dat zijn volk zulke zonden bedreef!

Sluiten