Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan zijn, ligt de afdoende reden van het vierkant zijn niet in het hout op zich zelf. Evenzoo blijkt evident, dat het wisselvallige, hetwelk kan zijn en kan niet zijn, niet voldoenden grond van zijn bestaan in zich zelf bezit. Alleen de miskenning van den waren aard van het wis* selvallige en de verwarring met het noodzakelijke, kan iemand er toe brengen den afdoenden grond van het wisselvallige in dit zelf te zoeken. Toch moet het ver* anderlijke en wisselvallige een grond van zijn bestaan bezitten. Immers anders is het zonder reden, zonder grond, onzinnig en dus niet, zooals een vierkante cirkel onzinnig en niets is. Omdat het wisselvallige den grond van zijn bestaan niet in zich zelf heeft, moet het buiten zich zelf, in iets anders, den grond van zijn bestaan vinden. Hiermee wordt gezegd: het wisselvallige heeft een oorzaak, is een veroorzaakt iets. Niet ten onrechte vraagt iedere mensch, wanneer hij een veranderlijk ding constateert, naar een oorzaak daarvan.

Ten slotte eischen de veranderlijke natuurdingen het bestaan van een volstrekt noodzakelijke en onafhanke* lijke oorzaak. Zoolang iemand zich tevreden stelt, met als oorzaak een afhankelijk iet saan te geven, blijft de vraag naar den laatsten grond, de eindverklaring open. Die vraag naar de verklaring van het wisselvallige wordt dan verschoven maar niet beantwoord, want iets wat zelf veranderlijk is, en zonder voldoenden grond van eigen zijn, kan onmogelijk afdoende grond zijn van het bestaan van het wisselvallige iets. Het verklaart niet eens waarom het zelf is, laat staan waarom iets anders is. Alleen datgene wat onveranderlijk en noodzakelijk bestaat en daarom grond van zijn bestaan in zich zelf bezit zonder afhankelijkheid van iets anders, kan af* doende grond zijn van het bestaan van het wisselvallige.

Sluiten