Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een vraag eischt naar een andere oorzaak, is een besluit tot God — eerste, onafhankelijke oorzaak — evident onmogelijk. Dan is een rustpunt in den geleidelijken teruggang van oorzaak op oorzaak onbestaanbaar en hebben we ongelijk, als we uit de werelddingen tot het Godsbestaan besluiten. Toch blijkt deze handelwijze volkomen verantwoord. Met welk recht immers wordt vastgesteld, dat iedere oorzaak weer een oorzaak heeft? Het begrip van een onafhankelijke, onveroorzaakte oor* zaak bevat toch geen tegenspraak, is niet onzinnig. Klaarblijkelijk mag het veroorzaakte niet gedacht wor* den als zijnde zonder oorzaak, maar het begrip van oorzaak sluit niet uiteraard in zelf veroorzaakt zijn; het bevat wezenlijk niets anders dan dat iets door haar vers oorzaakt, in zijn van haar afhankelijk is, maar geenszins, dat zij zelf van iets afhankelijk is. Weliswaar blijkt de wereld vol van oorzaken, die zelf veroorzaakt zijn, maar de bewering, dat ze veroorzaakt zijn, juist in zoover ze oorzaak zijn, strijdt tegen den aard van oorzaak. Deze heeft als zoodanig een gevolg en niet een oorzaak. Daar* om kan niemand in het begrip van onveroorzaakte oor» zaak eenige tegenspraak aanwijzen.

Wellicht zullen zij, die het tegendeel vasthouden, deze conclusie willen ontkennen met de tegenwerping: al eischt de oorzaak als zoodanig niet een oorzaak, ze doet dit wel voorzoover ze is, want al wat bestaat heeft een oorzaak. Deze inderdaad niet alleen bij napraters, maar ook bij voordenkers veel verspreide overtuiging, geeft blijk van een volstrekt gemis aan begripsanalyse. De beperktheid van dit artikel verhindert een volledige ontleding van het oorzakelijkheidsbegrip en de causali* teitswet, maar we kunnen kort en bondig de onhoud*

Sluiten