Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar zulk een zeldzame uitzondering de katholieke kerk te beoordeelen.

Maar wij allen, wij eeren de Heiligen en roepen hen aan, en we stellen dus andere middelaars naast den Christus! — Naast den Christus? dus op één lijn met den Christus? neen voorwaar, in geenen deele. Alle Hei* Ügen, ook de hoog geprezen Moeder*Maagd niet uit* gesloten, waren eenmaal en zijn eigenlijk nog ranken op den wijnstok, die Christus is. Ook zij zijn door hem verlost, ook zij konden niets uit zich zeiven; alles wat ze aan goed op aarde gehad en gedaan hebben, alles wat ze nu aan heerlijkheid in den hemel genieten, dan* ken zij aan Christus en zijn kruis. En we zouden er aan denken, hen naast Christus te stellen als zijne gelijken? Neen, zij waren en zij blijven de dienaren en dienares* sen, die in alles afhangen van hem en zijne verdiensten: in alles! Leest de Epistelles van Allerheiligendag. Daar wordt met de woorden van St. Jan heel de legerschaar der Heiligen beschreven: „En ik zag een groote schare, welke niemand tellen kan, uit alle geslachten en stam* men en volkeren en talen; ze stonden voor den troon en voor het Lam (den Christus), gekleed in witte klee* deren en met palmtakken in hunne handen en ze riepen met luide stem zeggende: Heil aan Onzen God, die op den troon zit en aan het Lam"*). Dat zijn de Heiligen!

Maar we eeren hen toch? Zeker. Omdat ze de edelste ranken en de rijpste vruchten zijn aan den wijnstok, Christus. En omdat een kind begrijpen kan, dat wie de ranken prijst en de vruchten bewondert, toch waarlijk daardoor den wijnstok niet veracht, waarop ze gegroeid

*) Openb. 7.-9.

Sluiten