Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor tot het grootsche werk, waartoe Hij door zijn Vader gezonden was. Dan begon Hij zijn openbaar leven, trok ongeveer drie jaren langs steden, dorpen en velden, om zijn leer te verkondigen. Hij bewees de god» delijkheid van zijn zending, de waarheid van zijn woord door ontelbare wonderen. Uit de leerlingen, die Hem weldra volgden, koos Hij er twaalf uit, die Hij ook apos* telen noemde. Deze mannen verbond Hij op bizondere wijze aan Zich als zijn vaste gezellen, die Hij met zorg voorbereidde voor hun toekomstige taak; krachtens de volheid der macht, die Hem gegeven was in den hemel en op de aarde, zond Hij hen, gelijk Hij zelf door den Vader was gezonden; Hij nam hen aldus op als deel* genooten van zijn gezag en zijn waardigheid; aan één van hen, Petrus, beloofde Hij, dat Hij op hem zijn Kerk zou bouwen, en dat Hij aan hem de sleutels van het rijk der hemelen zou geven. Zoo werkte de goddelijke Bouw* meester aan den opbouw zijner Kerk. Definitief was deze gegrondvest, toen Christus Petrus als opperhoofd had aangesteld en aan de apostelen hun zending had opgedragen; de nederdaling van den H. Geest op het eerste Pinksterfeest, was dan de laastte voltooiing der Kerk, de aanhechting van het goddelijk zegel.

Indien Christus werkelijk een Kerk gesticht heeft, mogen we terecht verwachten, dat dit geschiedkundig feit ook uit de leer en de handelingen der apostelen zal blijken; zoo is het inderdaad. Onder de benaming van Kerk of Kerken vindt men in hun geschriften die groe* pen van Christenen aangeduid, die allentwegen ont* stonden, niet als instellingen van menschen, maar van Christus of God, zooals de toevoeging luidt. Zoo wordt de Kerk van Jerusalem, de oudste en een tiental jaren

Sluiten