Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geleerd heeft, komt tot Mij"1) rechtzinnig en in volle waarde te handhaven. Zoo zegt de H. Thomas m den gewonen diepgang zijner klare ^dachten: „Innerlijk te leeren is het eigen werk van God" 2) en elders: Wijl de mensch door in te stemmen met datgene, wat des ge* loofs is, boven zijn natuur verheven wordt, moet hem dit gegeven worden uit een bovennatuurlijk princiep, hetwelk hem innerlijk beweegt en dat is God )

Inniger overtuigd van de noodzakelijkheid der leermg van den H. Geest had de Kerk niet kunnen wezen. Maar die meest innige overtuiging kon toch den gelijken zin van Christus' eigen woorden, de klare opdracht om de volkeren te onderwijzen, het plaatsvervangend leer* gezag geenszins verzwakken of vernietigen. Er stond im* mers geschreven bij Lucas4): „Wie u hoort, hoort Mn en wie u versmaadt, versmaadt Mij. Zoo stond het toch ook bij Joannes6), toen de verrezen Heiland herhaalde. Zooals de Vader Mij gezonden heeft, zoo zend lk u. Zoo vooral was toch ook Zijn plechtige, uiteindelijke lastgeving geweest, die in het gevoelige uur der scheiding voor de Apostelen zeker bijzondere beteekems had ge* kregen: „Mij is alle macht gegeven in den hemel en op aarde. Gaat dan, onderwijst alle volkeren en doopt hen in den naam des Vaders en des Zoons en des H. Oees* tes en leert hen onderhouden alles, wat Ik u geboden heb. En ziet, Ik ben met u alle dagen tot het einde der wereld "8) Het kon immers ook geen zelfoverschatting of zelfverheffing geweest zijn, toen Paulus - m zijn overigens toch ook onfeilbare brieven - durfde ge* tuigen: „Wij bekleeden derhalve een gezantschap voor

.) Joan. 6:45. >) c. Gent. IV, 17. *) S. Th. II, II. 6, 1. «) 10:16. ») 20:21. •) Matth. 28:18—26.

Sluiten