Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het gaat niet om de zeven, maar om de elf Provinciën met de Overzeesche Gewesten.

Dat enkele muiters de zeven Provinciën hebben geroofd; en dat zij dit konden doen zonder tegenstand, op leven en dood, van onze officieren en onderofficieren; en dat een deel van het Nederlandsche volk en zelfs kamerleden en dragers van het gezag dat hebben durven goedpraten, is erg.

Maar veel erger is, dat onze elf Provinciën en Indië al jarenlang ons ontstolen worden door revolutiorinairen en propagandisten van wat goddeloos en wat laag is; door menschen, die het roer van het schip willen vermeesteren om dat schip te sturen naar Moscou of een andere onheilshaven; door menschen, die óók óns toeroepen: laat ons met rust, hindert ons niet; laat ons met rust, totdat de Hollandsche vlag niet meer waait, en de Hollandsche leeuw niet meer brult, en Oranje onttroond is.

En het allerergste is, dat duizenden Nederlanders, terwijl het Schip van Staat geroofd wordt, hun spelletje blijven spelen of hun speciale heilige huisjes blijven beschermen, in plaats van als één eenig man dat schip met zijn kostelijke lading te verdedigen. Ja, dat wij allen er aan hebben meegewerkt, door de uitvinding van de evenredige vertegenwoordiging en door de groote vrees om onversaagde kloeke Hollanders te zijn, dat het roer van ons schip al meer in de macht is gekomen van mannen, die de geheele lading over boord willen gooien, om die in te ruilen voor de waardelooze beloften van een heilstaat en de waardelooze goederen van Moscou.

We moeten ons goed realiseeren, dat ons geheele volk schuldig staat. Niet één groep, maar alle groepen. Niet één partij, maar alle partijen. Niet sommige onderdanen, maar Regeering en onderdanen samen.

Ons requisitoir mag waarlijk niet gaan tegen één of twee partijen, maar tegen het geheele Nederlandsche volk.

De eene partij moge in wat langzamer tempo meegegaan zijn dan de andere: een enkeling moge al zijn waarschuwenden vinger hebben

Sluiten