Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heerschen en 't ging in de richting van den hongersnood.

Vóór het einde van het plan moest men de levensmiddelen-kaarten weer invoeren en voor iedere categorie van burgers de rantsoenen vaststellen. Hoe ingewikkeld dat systeem is, en hoé slecht het loopt, is algemeen bekend. Nu eens is er heelemaal geen vleesch; dan weer komt er zooveel tegelijk, dat men niet weet hoe spoedig het op te maken, zal bederf worden voorkomen. In 't algemeen moet men uren in de rij staan voor de coöperatieve winkels, teneinde een bespottelijk rantsoen van middelmatige levensmiddelen te bemachtigen. In den laatsten tijd is de voedselvoorziening zóó slecht, dat men niet eens meer zeker is van de toch al geringe hoeveelheid die op de kaart staat aangegeven. Voeg daarbij dat de ellende de bevolking voortdurend opjaagt, in haar verlangen naar minder onhoudbare toestanden, en men krijgt eenig denkbeeld van het „geluk" van den Sowjet-burger. En kon die „burger" zich nog maar verplaatsen, naar wil en keus! Doch hij is aan de plaats, waar men hem aan het werk gezet heeft, door strenge wetten of bepalingen gebonden; op zijn paspoort houdt de G.P.Oe. zorgvuldig aanteekening van al zijn reizen en trekken, zoodat hij feitelijk in alles, altijd en overal, gebonden is aan de vreeselijke macht der geheime Staatspolitie, die elk restant van persoonlijke vrijheid tot een ij del woord heeft gemaakt!

Ik sprak van het „geluk van den Sowjetburger". Is dat geen bittere ironie? Een SowjetRus sprak eens van een „kleine bevoorrechte groep" (de Communistische partij) die de zweep hanteert, gelijk in de dagen der Farao's, en van 160.000.000 slaven. En van die slaven zijn de geloovigen er het ergst aan toe. Kort geleden is, in enkele onzer dagbladen de vraag gesteld, of het er in Rusland wel zoo treurig uitzag als door sommigen werd beweerd, en men meende

Sluiten