Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Alle brieven stemmen in inhoud overeen: Honger, Ziekte, Verbanning en Dood.

„Bij den aanvang van mijn brief, moet ik U reeds zeggen, dat we verhongeren . .Het eenige voedsel is, op 't oogenblik, aardappelschillen".

Zuid-Rusland, Maart 1933.

„Daarna werden we uit het Kollectief geworpen; de levensmiddelen, behalve 4 poed aardappelen en 4 poed rapen (1 poed = ± 16 K.G.) werden alle afgenomen. Moeder 47 jaar oud werd aangehouden en naar den kerker gebracht en is nu veroordeeld tot 25 jaar gevangenisstraf. Daar zucht ze nu al bijna een maand en als voedsel krijgt ze afgekookt water, en als we ze nog Gen paar rapen sturen worden ze door de soldaten opgegeten."

Noord-Kaukasus, April 1933.

„De Heere zij met ons. Amen.

Met groote vreugde ontvingen we Uw brief, en we schreiden tranen van blijdschap, daar we nu op hulp kunnen hopen. We waren allen bij elkaar, behalve Hans en Michaël, die weg waren om wat brood op te halen. Ook ik ben het land doorgeloopen om neef Adam te zoeken. Ik wilde hem zien, maar kon hem niet vinden. Op den weg kon men niet dwalen, deze wordt aangewezen door doodgehongerde menschen. Van 100 K.M. ver heb ik 10 pond meel naar N.R. gebracht en daar werd het mij afgenomen, zoodat ik met leege handen thuis kwam. Maar nu heb ik weer 2 pond meel thuis gebracht. Maar wat is dat voor zoo velen — en toch kan men ze niet zien verhongeren. Er is niemand van onze vrienden, die iets heeft. De 4 kinderen van broeder Martin zijn van honger gestorven en bij de anderen is het niet beter. Het is niet aangenaam het te schrijven, maar in den laatsten tijd hebben we ons moeten vergenoegen met het rottende vleesch van krengen, wat trouwens duizenden eten. 't Is wel niet voldoende, maar we danken er God voor. Er is nu eenmaal niet meer...."

Sluiten