Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

denden steeds meer toenam ten gevolge van de zeer spaarzame porties voedsel. Tegelijk ook werden de arbeidsvoorwaarden steeds zwaarder. Niet zelden moest men tot op het middel in de sneeuw of in den moerassigen bodem werken. Werd de taak niet volbracht, dan ontving de aartsbisschop een extra-straf. Men verkleinde zijn portie, die tot op dat oogenblik uit 500 gr. brood, 10 gram suiker en een klein bord grutten had bestaan voor een tijdduur van 24 uur. Vervolgens liet men hem den ganschen nacht onder de scherpste bewaking blootsvoets in de sneeuw staan, totdat zijn voeten bevroren waren. Men bracht hem in het ziekenhuis, waar hij door typhus werd aangetast. Ongebogen en ongebroken stierf hij in 1932. De G.P.U. heeft 10 jaar lang aan de vernietiging van dit

waardevol menschenleven gewerkt

Andere getuigen in Bisschopsgewaad.

Toen het lijden van Aartsbisschop Antonius van Archangelsk voorbij was *) werd in zijn plaats X. benoemd. Toen deze zich daarop naar de plaats van zijn bestemming begaf, vond hij er geen onderdak. Alle huizen in een stad, ook de particuliere woningen, zijn „gecommuniseerd". Geen enkele stedelijke woning mag een geestelijke onderdak verleenen, en particuliere personen hebben angst voor de G.P.U., wanneer zij een Bisschop bij zich toelaten.

Zoo overnachtte de Bisschop dan in een kerk, tot hij ten laatste bij een oude vrouw een toevlucht vond.

De G.P.U. ontbood hein.

„Wij hebben gehoord, dat u het ambt van een Bisschop hebt aangenomen — weet u, waarmee u te rekenen heeft?"

„Ik weet het," luidde het antwoord.

„En u besluit, om te blijven? Denk aan het lot van uw voorganger."*)

2) Over het lijden en sterven van Aartsbisschop Antonius werd breedvoerig verteld in R. EV. P. Nr. 3, 1934.

3) Men liet Aartsbisschop Antonius in den letterlijken zin van het woord levend verrotten.

Sluiten