Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Bisschop antwoordde:

„Niemand van u lij de als een doodslager, of dief, of kwaaddoener, of als een die zich met eens anders doen bemoeit; maar indien iemand lijdt als een Christen, die schame zich niet, maar verheerlijke God in dezen deele (1 Petr. 4:15, 16).

Hij werd verbannen

Bisschop N. uit E. treedt hem waardig ter zijde. Onvergetelijk blijft zijn laatste godsdienstoefening vóór zijn verbanning.

De kerk was overvol. In het bijzonder waren veel Ukrainers tegenwoordig, die men aan hun witte halfpelsen kan herkennen en die van uit het Zuiden naar het Noorden verbannen waren.

De Bisschop las het Schriftgedeelte (II Cor.

4:8—11): „ als die in alles verdrukt worden

doch niet benauwd; twijfelmoedig doch niet mismoedig, vervolgd doch niet daarin verlaten, nedergeworpen doch niet verdorven, altijd de dooding des Heeren Jezus in het lichaam omdragende, opdat ook het leven van Jezus in ons lichaam zoude geopenbaard worden."

De gemeente snikte.

„Waarom weent ge?" vraagt de Bisschop. „Weet ge dan niet, dat het Evangelie zegt: „zalig zijt gij, wanneer u de menschen smaden en vervolgen, en liegende alle kwaad tegen u spreken om mijnentwil (Matth. 5:11)".

Het was de laatste prediking van den getrouwen getuige. Toen sloeg ook luj den lijdensweg in naar het Petschora-gebied. Bisschop J.

Een geestelijke, die door den Patriarch van Moskou tot bisschop eener stad wordt benoemd, kan dikwijls zijn ambt niet aanvaarden, omdat

Hij was met wormen overdekt. Verscheidene gevangenen bracht men in zijn cel, hun den Bisschop toonend, dat beeld van jammer en ellende, om hen zoo tot bekentenissen, te dwingen." Zoo zullen wij jullie ook laten verrotten, wanneer je niet bekent," was de telkens herhaalde bedreiging, die de GP.TJ.-rechter tot de gevangenen richtte.

Sluiten