Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

raiskakis ons geeft, waarin talent tot uitdrukking komt. Wat ons echter het meest interesseert, is dat hier haat en partijzucht zijn uitgeschakeld en een eerlijk streven naar objectiviteit den lezer de overtuiging schenkt dat hij na lezing dichter bij de waarheid omtrent Duitschland is gekomen. En dit laatste is, vooral in deze oorlogszwangere tijden, van overwegend belang. Immers de mentaliteit van een volk leeren kennen, en de bijzondere vraagstukken waarvoor het zich geplaatst ziet leeren begrijpen, zijn belangrijke schreden naar een verzachting van de internationale tegenstellingen. De zakelijke verschillen, vooral waar het betreft economische belangen, die tusschen verschillende naties bestaan, zijn reeds te scherp dan dat zij nog eens extra met een wolk van misverstanden en verdachtmakingen moeten worden omgeven. Het is niet in de laatste plaats de taak van de pers van een land als Nederland, dat in West-Europa de positie inneemt van onpartijdiger) toeschouwer, om een sfeer te begunstigen waarin toenadering van tegenstanders kan plaats hebben. Dat de Nederlandsche pers met eere deze taak heeft vervuld kan helaas niet gezegd worden (men denke slechts aan het Saargebied), de gunstige uitzonderingen, die vooral te vinden zijn in de provinciale dagbladpers, dan niet te na gesproken.

Het is niet mogelijk hier een overzicht te geven van den inhoud van het besproken boek, zonder door de groote algemeenheden schade te doen aan de weergave. Men leze het zelf. We volstaan echter met de opmerking dat de kern van het betoog van de schrijfster is, hetgeen zij aan het slot van haar voorwoord zegt: men mag een kind niet beoordeelen naar de kinderziekten en men mag een licht niet uitblazen, om de schaduw te verdrijven.

Na de onsmakelijke bruin- en roodboeken en wat dies meer zij, vormt het boek van mevrouw Karaiskakis, met hetgeen hier te lande indertijd is verschenen van de hand van den heer H. Diemer over het Duitsche nationaal-socialisme, een oase van eerlijkheid en fatsoen in een woestijn van leugen en haat.

M. A. CAGELING.

Sluiten