Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het Communisme samenvatten in de hoop, dat deze feiten, die uitsluitend aan documenten zijn ontleend, ons de onsterfelijke woorden van Cato, den besten zoon van het oude Rome, opnieuw in de herinnering brengen: „Ceterum censeo, Carthaginem esse delendam!"

In den aanvang hunner heerschappij werden door de communisten de gevangenissen meer dan vol gestopt met officieren en vertegenwoordigers der burgerlijke partijen.

Nadat in den nacht van 7 op 8 November het Winterpaleis, waar zich de Voorloopige regeering genesteld had, door een troep matrozen en°Roode gardisten bestormd was, viel dit in handen der overwinnaars. Tijdens het overbrengen van de gevangengenomen cadetten naar de Peter-Paulsvesting, werden niet weinig gevangenen door de hen begeleidende wacht zonder eenige oorzaak doodgeschoten. De adjudant van den minister van Oorlog der Voorloopige regeering, Vorst Tumanoff, onderging een gruwelijken dood: hij werd door bajonetten doorstoken en in de Newa geworpen. In de geheele stad geschiedden tallooze arrestaties en huiszoekingen, bij welke gelegenheid niet weinig geld en voorwerpen van waarde den trouwen dienaars van de nieuwe regeering in handen vielen.

In November werden door de Sowjetregeering alle brandkasten in de banken in beslag genomen en haar inhoud werd verbeurd verklaard. Dit geschiedde eveneens met het overige privaatbezit: de kasteelen en particuliere villa s werden „gesocialiseerd", meubelen en zilver weggehaald en alle particuliere auto's onteigend.

Den 20sten December 1917 werd officiéél de „Al-Russische Buitengewone Commissie" ingesteld, ter bestrijding van de contra-revolutie, welke commissie later den naam krijgt van „Tscheka" en tegenwoordig G.P.Oe. heet.

Op 28 en 29 December werden in Sebastopol 40 zee-officieren doodgeschoten. Den 3den Januari 1918 wordt in de afkondigingen der Sowjet-commissarissen gesproken van het' vormen

Sluiten