Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En dienzelf den verwezen zij nu naar het kruis! Omdat zij Hem nu niet meer als den Koning der Joden wilden erkennen. Hij beantwoordde niet aan hunne verwachting. Om hen onder Zijnen schepter, dien Israëls God Hem gegeven had — den schepter van genade en waarheid naar vs. 45 — te vereenigen, moest Hij hen afwerpen vap hunne hoogten van vermeende gerechtigheid en vroomheid, moest Hij hen tot verloren zondaren maken voor God.

Daar wilden zij niet aan. De leidslieden niet! Ge herinnert u immers wel, wat sommige Farizeeërs zeiden, toen Jezus na de genezing van den blindgeborene sprak: „Ik ben tot een oordeel in deze wereld gekomen, opdat degenen, die niet zien, zien mogen en die zien blind worden —: „zijn wij dan ook blind?" — zoodat Hij htm moest toevoegen: „Indien gij blind waart, zoo zoudt gij geene zonde hebben; maar nu zegt gij: wij zien; zoo blijft dan uwe zonde." (Joh. 9: 39—41). Door zulke leidslieden voorgelicht en meegesleept, wilde het volk er ook niet aan, maar kregen zij een heel anderen blik op Jezus, als voerde Hij het volk ten verderve! Daarom moest Hij aan het kruis. Als de koning der Joden — wijl Hij van Zichzelven toch niet anders belijden kon dan dat Hij de koning der Joden was, en zij die belijdenis niet als de waarheid wilden aanvaarden.

De Koning der Joden aan het kruis? Voor Pilatus zelf was dat eene dwaasheid, zoo groot

Sluiten