Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijk onder de 25 jaar; verplichting om alleen in openbare, daarvoor aangewezen gelegenheden te schuiven; verplichte inlevering van een zekere hoeveelheid djitjing (hetgeen in de pijp overblijft na het rooken) alvorens nieuw opium te kunnen verkrijgen; verbetering van de geneeskundige behandeling van schuivers; houden van de opiuminkomsten buiten den gewonen dienst van de begrooting en bestemming van het batig saldo van de opiumregie (na aftrek van alle kosten, die op de regie betrekking hebben, met inbegrip van die voor de bestrijding van den smokkelhandel) voor speciale, met de opiumbestrijding of de verbetering van hygiënische en sociale toestanden verband houdende, aangelegenheden. Het is hier niet de plaats om deze aanbevelingen, waarvan er sommige in Nederlandsch-Indië reeds lang toepassing vinden, doch andere groote moeilijkheden met zich zouden brengen, nader te bespreken. Met deze opsomming moge daarom worden volstaan.

Omstreeks den tijd, dat de Enquêtecommissie het Oosten bereisde, viel ook het tijdstip, waarop ingevolge het bovengenoemde opiumaccoord van 1925 de volgende conferentie over den toestand in het Verre Oosten had moeten worden gehouden. Het is echter duidelijk, dat voor het slagen dier conferentie een juist inzicht omtrent den feitelijken toestand onontbeerlijk was. Aangezien verwacht kon worden, dat het rapport der commissie-Ekstrand de noodige voorlichting zou verschaffen, werd op voorstel van OrootBrittannië de bijeenroeping van deze conferentie uitgesteld tot na de verschijning van bedoeld rapport. In overeenstemming hiermede besloot de Volkenbondsraad in zijn zitting van Januari van dit jaar, dat de volgende opiumconferentie in de eerste tien dagen van November zou bijeenkomen en wel, op uitnoodiging van de Siameesche regeering, te Bangkok.

De tot dusver besproken maatregelen en voorstellen tot bestrijding van het opiumgebruik, gaan alle uit van het beginsel om door regeling van en toezicht op den handel het gebruik binnen de wettelijk geoorloofde grenzen te houden en het zoo mogelijk te beperken. Dit noemt men de indirecte bestrijdingsmethode; er is echter ook een andere weg denkbaar, de directe, nl. door beperking van den papaverbouw tot een oppervlakte, noodig voor de voorziening in de behoeften van de wereld voor geneeskundige en wetenschappelijke doeleinden. Een dergelijk relatief verbouwverbod heeft echter alleen zin, wanneer het in alle landen, waar de papaver wordt gekweekt, wordt doorgevoerd; afgezien van de

Sluiten