Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TRIAS HARMONICA Een scheepje voer over de Zuiderzee, Dat had een wit zeiltje op, De zee en de hemel waren groot, Het land was groen, het stadje rood Het scheepje koos het ruime sop, De wind die nam het mee!

Een vlindertje vloog aan de Zuiderzee, Dat was verdwaald van de hei, Het land en de hemel waren groot, De wei was groen, de klaver rood Het witje koos de malsche wei, De wind die nam het mee!

Een dichtertje liep langs de Zuiderzee, Die keek in het-water zoo zwart, Zijn hart en de hemel waren groot, De golven groen, zijn oogen rood De Schoonheid blies diep in zijn hart En nam zijn zieltje mee!

AVOND AAN ZEE De zon sleepte als een goudfazant Al die pracht van gouden pluimen Naar 't overzeesche verre land, Aan 't strand bleef het zachtjes schuimen En de golven vertelden - bij beurt - bij beurt Wat ver in de zee was gebeurd.

Een vogel viel in de' avondstond, Een duif met zoo bleeke veeren, Die had een groote roode wond, Die kon nooit meer vliegen leeren En de golven vertelden - bij beurt - bij beurt Wat ver in de zee was gebeurd.

Sluiten