Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan, ineens, tegen den zulder, klettert het mee een laweit waar ze allemaal van zitten mee een verschoten zieltje en witte gezichten, en het hagelt noten op de banken. De kinderen zitten even. Dan, overeen, zoeken en grijpen ze. De vlugsten hebben hun noot. Daarna komt er 'nen heelen zak vlak voor de lessenaar van de juffrouw met 'nen smak op den grond terecht, en de juffrouw deelt ze allemaal uit en de kinderen eten, terwijl de hartjes nog kloppen van den schrik. Dan zingen de heldere stemmen de liederen van Smterklaas. _Marieke heeft gezegd: moeder, ik vraag een pop en een poppenbedje. Simon, diejen man, hij was naar de turfstrooiselfabriek geweest. Daar had hij wat plankies en latjes gekregen. Door den dag in den herd als 't wicht naar de school was, dan stond hij en klopte en schaafde glad en timmerde. De nagelkes de krullen, de knijptang en den hamer lagen op tafel. De kleine bruurke, 't zat in zijn kakstoelke en 't speelde mee die schoone krullen allerlei spellekes en tpraatte daarmee druk. Er groeit iets onder Simon Wijnands zijn handen. Een bedje mee vier pootjes Een klem ledikantje, schoon gevormd en gesneden. Simon Wijnands zijn vrouw zegt:

Nee zoonen hendigen mensch als gij toch eyel zijt! _Simon bloost niet. Hij zegt niet: dat doe ik voor onzen kleinen üeveüng. Niets daarvan. Hij bromt wat binnensmonds en klopt en klopt. Hij was er al verschillige middagen mee bezig geweest. Nolleke den schilder, die had hem wat bruine verf mee nen borstel gegeven en Simon verfde het ledikantje. Hij dee het mee voorzichtige handen en langzaam, s Avonds dan

Sluiten