Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegenstrijdigheid (of ten minste bij tegengesteldheid) bewogen worden en door alzijdige aanvaarding der tegengestelde tot het samenstel van het Goddelijk Albeleid zoo al niet denkend doen condudeeren dan toch dit samenstel van het Goddelijk Albeleid geloovend doen constateeren. Eigenlijk volstaan, op grond van het voorafgaande, de termen „voorzienigheid" en „voorbeschikking" niet. Ze wekken aldra een half besef of een half beeld of een half begrip aangaande de concrete volheid van het Goddelijk Albeleid, dat niet slechts mechanisch naar het tijdelijk „voor" en „na" maar organisch naar het eeuwig heden95), dat het tijdelijk verleden en toekomende uit-, door- en voldraagt96), kan worden gewaardeerd. De termen „voorzienigheid" en „voorbeschikking" krijgen eerst hun vollen klank en waarde, indien wij ze doorzien als beduidende de „doorzienigheid" en ^beschikking" van het Alorganiseerend Godsbeleid, dat door het menschelijke totaliteitsbesef en begrip in zijn wezenlijke waarde wordt afgeschaduwd.

Existentieel voorts is ook in deze het totaliteitsbesef menschelijk bewust primair; essentieel blijkt dit totaliteitsbesef secundair gewekt door de Goddelijke Alorganisatie.

Sluiten