Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Neuzeitliche Ansichten über den Bau des Weltalls", uitgesproken te New York, 1931, in het Duitsch overgebracht door Dr. Muller, Isterlohn in „Unsere Welt", onder redactie van Prof. Dr. Bavink, uitgegeven bij Gustav Thomas, Bielefeld, 1933, Juni, S. 163). Want in deze onze verhandeling gaan wij phaenomenologisch aldus te werk, dat wij slechts uit de natuurlijke en geestelijke bewustzijnsgesteldheid de zuivere overweging van de Christelijke wereldbeschouwing aantoonen. ") Physiologisch beschouwd blijkt het bewustzijn met zijn inhoud op te komen uit het organisme met zijn hersenstel in verband met chemische of electrische gegevens (zie o.a. O. Meyer „Bewusstsein", „Unsere Welt", 1933, S. 375 f.) Zoo klemt de vraag: hoe is het mogelijk om van uit den aanvankelijk subjectiefindividueelen bewustzijnskring tot een eventueel daarbuiten bestaande Werkelijkheid of Wezenheid voort te gaan, zij het ook hypothetisch, vooronderstellenderwijze, of door geloof, of door betoog. Men moet hierbij nadrukkelijk in het oog houden, dat het bewustzijn den mensch onmiddellijk slechts als enkeling, dus individueel gegeven of gewekt wordt. De groote kentheoretische vraag is dus deze: hoe komen wij den individueelsubjectieven bewustzijnskring te boven of te buiten, zoo dat wij niet in solipsisme of illusionisme vervallen? Ed. von Hartmann heeft in zijn kentheoretische werken deze vraag in het bijzonder overwogen en Joh. Hessen in zijn meervermelde (zie aant. ai) prijsvraag over Von Hartmann's kenleer daarop gewezen. Men is hier in het algemeen te spoedig gereed. Want, hetzij wij ons richten op de onmiddellijke bewustzijnsgegevens, of op de menschelijke kenstructuur, of op den „Gegenstand" of op de „aeternae veritates", of op de dialectiek van het denken, steeds blijven wij aanvankelijk toch in den individueelen bewustzijnskring besloten, welke formeele, objectieve, ideëele, normatieve, mathematische, logische, apriorische, dialectische gegevens in den bewustzijnskring ook mogen worden aangetroffen. Zelfs de denk-dialectiek toch blijft voorloopig (naar these, antithese en synthese; naar positie, negatie en affirmatie) in het bewustzijns-spel tusschen subject en object, bewust en onbewust, gevangen. Zal men daarom den individueelen bewustzijnskring (ook met zijn universeele gegevens) in zijn tooverban als het ware doorbreken, zoo moet men, hoe dan

Sluiten