Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

def Bolschewisten tegen kerken en godsdienst, een strijd, die voor niets terugdeinst en met de meest verfijnde wapenen van list en slimheid tracht het geloof in God uit te roeien

Dat zijn de feiten. Wat is hun beteekenis? Het is of de Russen een profetischen blik gehad hebben en zagen, wat over hen komen zou. De philosoof Wl. Solowjow schildert in een visioen als uit de Openbaringen, hoe na politieke schokken in de oude wereld een „Uebermensch" (krachtmensch) zich eerst de heerschappij over de volkeren van Europa toeeigent en dan de hand uitstrekt, om zich de kroon van het hoogste wezen op 't hoofd te zetten, opdat hij door alle menschen, wien hij vrede en welvaart doet toekomen, aangebeden zou worden en zoo ook voor het heil hunner ziel zou zorgen. Met het oog op deze laatste en grootste verzoeking vereenigen zich de drie tot nu toe gescheiden kerken en het duivelsche plan van den anti-christ lijdt schipbreuk op de onwrikbaarheid van het eensgezinde geloof aan God. (W. Solowjow, Auswahl von K. Nötzel, 1929, pag. 100.)

Wat wil het Bolschewisme, wanneer het tegen God strijdt, de kerken, boerderijen, gezinnen, ouderlijke opvoeding, beschaving vernietigt? Het dekt zich bij alles, wat het doet met de leuze: De dictatuur van het proletariaat, geluk voor de onderdrukte, geknechte en rechtlooze klasse der menschheid! De mensch moet dus eigenlijk weer mensch gemaakt worden. Wij onderzoeken ook deze op zich zelf zeer zeker te waardeeren pretentie. Wat gebeurt er met den boer, wat met man en vrouw in het huwelijk, wat met het kind, en met het opgroeiend geslacht?

Het antwoord luidt niet: hun allen worden menschelijke rechten gegeven, maar het luidt: allen worden, of ze willen of niet, omgevormd, allen worden gecollectiveerd. Wij zien voor ons de retorten, waarin deze fantasie-mensch, deze Homunculus zonder vader en moeder, zonder innerlijken grond, zonder geloof en God gefabriceerd wordt: de Collectieve Mensch. Hij is op den troon van God geplaatst.

Is het een proefneming, waarvan we het gelukken of mislukken rustig en werkeloos kunnen afwachten? Wordt hier niet over een vraag beslist, die voor ons z ij n of n i e t-z ij n beteekent?

Uit het rijk der Sowjets dringt tot ons door de noodkreet van de in naam van een idee gekwelde en gefolterde levende, werkelijke menschen. Wij staan voor de beslissing: willen wij de idee van den zielloozen en gemechaniseerden mensch der massa, die losgemaakt is van elke menschel ij ke werkelijkheid? Het kost ons niets meer, dan dat we nedervallen en hem aanbidden.

Of willen we er over nadenken en ons herinneren, dat er vóór 1900 jaren Een in deze wereld gekomen is, waarin God zelf als

Sluiten