Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de aansluiting aan de groote Kerk voltrokken, maar deze blijkt op geenerlei wijze, daar het kerkelijke leven zich niet ontplooien en ontwikkelen kan. Het kan niet genoeg erkend worden, wat onder de ongunstigste omstandigheden aan onbaatzuchtigen arbeid voor den opbouw van een nieuwen vorm voor de Evangelische Kerk van Rusland is gedaan. Maar het moet ook onomwonden uitgesproken worden, opdat iedere Evangelische in Duitschland het precies weet en duidelijk ziet: deze nieuwe Evang. kerk in Rusland is meer idee dan werkelijkheid, meer wil dan leven, meer paradestuk -voor Sowjetpropaganda in het buitenland dan steun voor de gemeenten in Rusland. Zooals deze kerk er op 't oogenblik in Rusland voorstaat, kan ze niet leven en niet sterven.

Waaraan ligt dat? Beslissend voor het groeien van een organisme is de gezondheid van zijn deelen. En juist dit mist de kerk van Rusland. De tijd van het oorlogvoerende bolschewisme heeft vooral verwoestingen over de stads-gemeenten aangericht: alleen in de grootste steden zijn er nu nog evangelische gemeenten. Gevlucht of geheel onderdrukt zijn de fabrikanten, kooplieden, beambten: de middenstand heeft geen bestaansmogelijkheid meer en is verstrooid en gerussificeerd. Industrie-arbeiders had men onder de evangelischen zoo goed als geen. Zelfs wanneer ze ergens hun geloof zouden willen bekennen, zouden ze het niet openlijk mogen doen door deelname aan de instellingen van de kerk. Zoo is dan de stand van de Evangelische stadsgemeenten door verdwijning of declasseering van de leden bijna op het nulpunt gebracht. Gemeenten, die vroeger 4-5000 zielen telden, hebben nu nog 2-300 leden, die bovendien maatschappelijk zoo verzwakt zijn, dat ze noch een predikant kunnen onderhouden noch de hooge belastingen voor hem of voor het godshuis kunnen opbrengen. Daarbij hangen de meeste gemeenten met een roerende liefde aan hun predikanten en brengen tot het laatst toe alles op om hem te onderhouden en te behouden. Niettegenstaande dat is hun toestand catastrophaal. Ze zijn allen uit hun pastorieën gedreven. Vaak heeft de gemeente een nieuw huis gegeven. — maar ach, de vreugde duurde niet lang: weldra werden ook deze huizen genationaliseerd, en de predikanten zaten weer op straat en kwamen tenslotte terecht in vochtige, onbewoonbare holen, die niemand meer wilde bewonen. Hun schreden werden streng bewaakt evenals hun preeken bespionneerd. Er is bijna geen één, die niet door een booze aanklacht met de Tscheka en de gevangenis kennis heeft gemaakt. Hoe nauwgezetter een zielszorger is, des te grooter zijn invloed, des te sterker de haat, des te zwaarder de straf, des te onmogelijker zijn bestaan. Hoevelen houden deze lichamelijke en geestelijke vermoeienissen uit; hoevelen

Sluiten