Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor bepaalde ziektetoestanden de milt weggenomen heeft, des te zekerder worden de artsen in het stellen van hun indicatie, in welke gevallen men van een dergelijk ingrijpen heil mag verwachten; maar des te raadselachtiger wordt het geheele probleem voor den wetenschappelijken onderzoeker, die zich afvraagt welke rol precies de milt en de verwijdering van dit orgaan onder bepaalde omstandigheden spelen.

Een weldaad is het derhalve, dat wij bij de pernicieuse anaemie over de reeds bovengenoemde levertherapie beschikken.

Er is in de laatste jaren veel over deze therapie geschreven, en ais gevolg daarvan is zij dikwijls zonder eenige critiek toegepast, wat te betreuren is, want daardoor moet het vertrouwen er in zonder twijfel lijden. Voornamelijk reageert alleen de pernicieuse anaemie goed op deze leverbehandeling, en secundaire anaemieën worden er niet door beïnvloed. "Welke deze invloed is, is nog niet geheel duidelijk. Waarschijnlijk bestaat deze niet, zooals men eerst meende, in een prikkeling van de organen, die het bloed bereiden, maar wordt de levensduur van de roode bloedlichaampjes er door verlengd. Het geheim van de behandeling is, dat men groote hoeveelheden rauwe lever geeft. In de boeken staat, dat 100-300 g per dag voldoende is. In zware gevallen komt men hier niet mee uit en zal men pas bij hoeveelheden van een half a één kg resultaten zien. Het is natuurlijk zeer lastig, zulke groote hoeveelheden naar binnen te krijgen, zoodat men er zich mee tevreden stelt, 200-j00 g versche lever te geven en de rest in den vorm van leverpraeparaten. Aan-

4

Sluiten