Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geldige definitie (begrip) en innerlijke bedoeling in zich heeft*

„War nicht das Auge sonnenhaft,

Die Sonne könnt es nie erblicken; Lag nicht in uns des Gottes eigne Kraft,

Wie könnt uns Göttliches entzücken?

Dit nu, het „ken-u-zelf" in zijn ware, diepste beteekenis, is de ware zin der wereldgeschiedenis, het inzicht, dat het geheel der machten en hartstochten, die daarin elkaar wederkeerig beïnvloedend een rol spelen ten goede en ten kwade, haar bron hebben in onzengoddelijken oorsprongen aard (in God als 's menschen Vader) en haar doel, haar plan: in het kennen en willen waarmaken (verwerkelijken) van het in aanleg vrije en harmonische, goede en ware wezen, dat 's menschen geest van huis uit is, ook waar hij dwaalt als een „verloren zoon". Die bron is reeds dat kennen en willen op nog vóór-bewuste wijze (als slechts zijn, dat nog geen zelfbewust weten is) als nog duister en dof in zich gevoelde zekerheid. Zelfs al ontkent hij dat weten in zijn bewust zeggen, zoo gaat al zijn willen en handelen ten kwade of ten goede, duivelsch of goddelijk, toch van die zekerheid uit *).

„De wereldgeschiedenis, de geschiedenis van den objektieven geest is zijn daad. Want hij is slechts, wat hij doet, en zijn daad is, zichzelf (en wel hier als geest zich) tot zaak van zijn bewustzijn te maken, zich voor zichzelf uit-leggend [d.w.z. uiteenleggend in de vele ik's en hun betrekkingen tot elkaar] te vatten. Dit vatten is tegelijk zijn Zijn en principe" 8), en is tegelijk zijn overgang naar den hoogeren trap, den absoluten of religieuzen geest, als een vatten van dat eerste vatten.

Dit wil zeggen, dat de wereldgeschiedenis als zoodanig de worsteling is der menschheid tot beleving, kennen, realiseeren en handhaven van haar waren algemeenen (hier nog objektieven) geest

*) Aldus Goethe in een zijner lievelings-sprenken.

De eenvoudige Christen, die gelooft, dat het Koninkrijk Gods in hem is (Lucas 17 : 20—21) of die de waarheid voelt van 1 Johannes 4 : 13: Hieraan weten wij, dat wij in God blijven en Hij in ons, dat Hij ons van Zijnen Geest gegeven heeft, — bedoelt hetzelfde als hetgeen filosofisch als een noodzakelijk resultaat zich ontwikkelt, d. i. zich als waar bewijst.

a] Zie mijn „Logos", § 240 e.v.

») Hegei's „Phil. des Rechts", $ 343.

Sluiten