Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

objektief oordeel opheft. Althans indien en voor zoover ze aan haar waarachtig wezen voldoet, waaraan dikwijls toch weer veel ontbreekt, zoodra de „politiek" verloopt in slecht-egoïstische werkzaamheid, in onmatige of kwaadsappige kritiek, of in eindelooze veel-praterij. Weliswaar zijn zulke openbare vergaderingen minder aangenaam voor de ministers (de uitvoerende macht, die hier tevens deskundig raadgever is), — voor zoover zij zich tegen de aanvallen der openbare (en soms min-waardige) kritiek moeten verdedigen, maar toch is deze openbaarheid het beste ontwikkelingsmiddel voor de staatsbelangen. Zoo leert het volk ook, dat het iets anders is, wat iemand thuis bij zijn vrouw of bij zijn vrienden zich inbeeldt, en wat er in een groote vergadering geschiedt, waar de eene leepheid de andere opvreet. Want op den duur krijgt de onzin, die tenslotte ook wel in de beste volksvertegenwoordiging wordt gepleegd, daarbinnen of daarbuiten, zijn oordeel.

De uitvoerende macht eindelijk, d. i. het bestuur, de regeering of overheid in engeren zin, gaat uit vanen volbrengt den in de subjektiviteit van den voorsten gefoyeerden algemeenen volkswil ten aanzien van bestaande wetten, inrichtingen enz. Zóó als de wetgevende macht een konvergeeren is, een foyeeren, een beweging van centralisatie, — zoo is de uitvoerende macht een beweging naar buiten, van decentralisatie, naar arbeidsverdeeling en overdracht aan allerlei uitvoerende organen. De voortdurend toenemende bestuursbedrij vigheid en overheidszorg leidt aldus lokaal, ten aanzien van land en stad tot vorming van provinciale, gemeentelijke en stedelijke zelfbesturen en met betrekking tot bizondere belangen tot speciale organisaties op allerlei gebied.

Wordt aan zulke zelfbesturen dan bovendien nog binnen het raam der wet een zekere zelf-regelende bevoegdheid t.a.v. bepaalde lokale belangen overgedragen door de wetgevende macht, dan zijn zij ook min of meer autonoom.

In het algemeen kan de uitvoerende bestuurstaak worden onderscheiden in:

a) de eigenlijke algemeen besturende (of administratieve) en rechterlijke macht, d.i. binnen- en buitenlandsch bestuur, rechtspraak (justitie) en politie (ordehandhaving naar binnen), leger en vloot (verdediging naar buiten, het krachtigst bij nog onontwikkeld of nog gebrekkig internationaal recht, — zooals de enkele persoon bij nog ruwe, recht elooze maatschappelijke toestanden

Sluiten