is toegevoegd aan uw favorieten.

Democratische vrijheid en socialistisch recht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een anarchie en een ellende ontstaan, die elk plan tot opbouw voor langen tijd onuitvoerbaar zullen maken.

Rusland heeft een langen tijd van desorganisatie — ondanks alle krachtsinspanning van de communisten waren de eerste jaren een tijd van wanbeheer en desorganisatie — kunnen doorstaan, omdat het bovenal een landbouwstaat is, wat beteekent, dat de voeding van de bevolking, zij het vaak zeer gebrekkig, over het algemeen toch nog mogelijk bleef. In WestEuropa zou een stilstand in het economische leven volslagen gebrek beteekenen en daarmede een onweerstaanbare reactie. Toen er dan ook door Nederlandsche sociaal-democraten in 1918 uitdrukkelijk op werd gewezen, dat op dat oogenbhk—enthans is dat niet anders geworden — de Nederlandsche arbeidersbeweging niet over zooveel leiders beschikte, dat zij onder een stelsel van dictatuur den socialistischen opbouw zou kunnen totstandbrengen, gaven zij daarmede uiting aan dat bezwaar tegen elk pogen, om te trachten een revolutie te forceeren, dat door verreweg de meeste sociaal-democraten, van welk land ook, al op zichzelf beslissend werd en wordt geacht.

Zoo stellen communisten en sociaal-democraten zich reeds in dit opzicht tegenover elkander. Eenerzij ds als de groep, bij wie het vertrouwen in de eigen kracht onbeperkt is, maar wier vertrouwen daarmede tevens, althans wat de WestEuropeesche landen betreft, de grenzen van het redelijke overschrijdt, anderzijds als de groep, bij wie het temperament niet minder behoeft te zijn, maar bij wie nuchtere overwegingen altijd remmen. Deze verstandelijke overwegingen remmen bij de meesten van de tegenwoordige sociaal-democraten heel sterk. Er mag wel op gelet worden, dat de remmen niet verroesten, maar dat zij, door telkens herhaald onderzoek van eigen kracht, altijd weer worden onderzocht. Maar thans inderdaad is de bewering, dat de sociahstische beweging in West-Europa onder een stelsel van dictatuur het maatschappelijk leven zou kunnen beheerschen en daaraan krachtige leiding zou kunnen geven, grootspraak zonder meer.

En hierbij bedenke men bovendien, dat de bezwaren, die een sociahstische regeering door gebrek aan voldoende krachten zou ontmoeten, nog versterkt worden door het feit,