is toegevoegd aan uw favorieten.

Milton in Holland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

15 Als met een mantel. U, U zie ik weêr Met stouter wiek, den Stygiaansen poel Ontsnapt, schoon lang gehouden in dat naar p. 86 En duyster hol, terwyl ik in myn vlucht

Door meerd're en mind're donkerheyd, maar niet

20 Met Orfeus lier en stem en toonen, zong Van Chaos, en den Nacht, die eeuwig is, Door goddelyke Zangster onderricht, Om eenen tocht te waagen naa de Hel, En weeder op te klimmen: eenen tocht,

25 Zoo zwaar, en nooyt van iemand onderstaan. U zie ik weeder veylig, en ik voel Uw leevenslamp: Maar gy bezoekt met licht Deeze oogen niet, al vrucht'loos heên en weêr Bewoogen, om uw' stralen, die het al

30 Doorbooren, te bejeeg'nen: maar, helaas! Geen daageraad bejeegend my. Een star, Maar neen, geen star, een dikke zwarte star Heeft mijn gezicht doen taanen, of een prop, Een' zinking oovertoogen met een kleed.

35 Het lust my echter te verkeeren, daar De Zanggodinnen my een' zilvre beek, Beloomerd bosch, of heuvel, door de zon Bestraald, aanwijzen, door een lust, tot zang, Die heilig is, gedreeven: Maar voor al

40 Bezoek ik u in 't midden van den nacht, O Sion, en het eedel bloemtapyt Van uwe beeken, die al dartelend' Langs uwen oever vloeyen, en uw grond Bekabblen met een heylig stroomgeruys.

45 'k Denk ook niet zelden aan twee paar, gelyk Met my in 't euvel lot, zoo ik in roem Slechts haaien kon by zulk een heldenpaar, p. 87 By Thamyris en by Homerus, en By Fineus en Tirezias, al blinde

50 En oude Dichters. Dan vermaak ik my

Met denken, dat vanzelf een' zoeten dreun Van zang verleent: gelyk een Voogel, die In 't duyster zingt, en in den lommer van