is toegevoegd aan uw favorieten.

Adolf von Harnack, voornamelijk als dogmahistoricus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarin Jatho zich een echte leerling van Harnack noemt en staande houdt dat het in de Christologie gaat over de vraag: „is Jezus God óf mensen". In deze vraag staan ze beide aan denzelfden kant en is de „Verschiebung" van Harnack naar Jatho maar klein1).

Jatho was veroordeeld en ook werd afgezet Traub, die Jatho voor het Spruchcollegium verdedigd had en die bijna revolutionaire uitlatingen deed over Jatho's veKX>«ieeling. Hiertegen, n.1. tegen het ontslag van dezen „advocaat", had Harnack ernstige bezwaren, en wel omdat hij het zeer verklaarbaar achtte, dat iemand in zulke omstandigheden scherp wordt en omdat hij vreesde, dat hier de theologie van Traub getroffen werd; en de vrijheid der theologie moet onaangetast blijven *).

Dat deze dingen veel weer oprakelden, dat nog smeulde onder de asch, en dat zoowel van links als van rechts men Harnack aanviel, laat zich verstaan. De menschen van den Protestanten bond noemden Harnack laks en wilden van geen leertucht weten; de mannen van rechts vonden, dat hij tenslotte onbetrouwbaar bleek.

Harnack zelf antwoordde op de groote beroering »), die de val van Traub in de kring der studeerende jeugd van linksche opvatting gewekt had, met het straks genoemde boekje *), waarin hij zei, dat het wel wat meevallen zou en men toch wel met goede consciëntie

) a.w. mm

•) „Die Dienstentlassung des Pf. Lic G. Traub". Leipzig 1912.

Traub was ook fel geweest tegen Harnack. (Zie Rade, a.w.).

Harnack: de Oberkirchenrat (dit was een geval van levensafwijking. K.S.) heeft geen psychologisch inzicht getoond en niet gezien, dat de verdediger van Jatho wel te ver moest gaan.

») Zeer eigenaardig is, wat ik in deBerlijnsche bibliotheek vond: een boekje van een zekere Richard Guhr, die schreef: „Adolf von Harnack, der Lucifer des wahren Christentums". Hij noemt Harnack „der Geist der stets verneint", iemand die het christelijk geloof ondergraaft.zonder er iets anders voor in de plaats te geven. Harnack maakt de kerk tot een „Taumelplatz" voor menschen van het Harnack-Jatho-Traubtype. Hij zelf prijst als remedie aan een soort magnetisme; maar zijn aanklacht tegen Harnack is wel typeerend voor wat velen dachten en zeiden. In het exemplaar, dat ik inzag, stond met inkt geschreven op de laatste bladzijde: „Dieser Traktat ist einzigartig in seinem urproportionirten Verhaltnisse vom Verfasser und sein Objekt. Wenn der Verfasser nur annaherend an die Grosze eines Harnackschen Geistes und die Tiefe seiner Religiositat heranreichte, wenn er ihn, mit anderen Wonen, nur kennen würde, hatte er dieser Schrift nie schreiben können. So aber kann mann nur sagen: Kinder sollen mit Murmeln und nicht mit Perlen spielen!"

*) Die Dienstentlassung usw.