is toegevoegd aan uw favorieten.

Adolf von Harnack, voornamelijk als dogmahistoricus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werrld van de theologie Harnacks hoogtepunt reeds voorbij. De Rehgiongeschichthche School was begonnen Harnack te overvleugelen; de aandacht keerde zich aan de Berlijnsche Universiteit van Harnack naar Troeltsch.

Reeds in 1899 sprak Harnack over den toenemenden drang, om de religie te zien in de mysterieèn, in de inspiratie en de „Weltflucht", waarbij men zó. bij het Roomsch-Kathohcisme uitkomt. Hij waarschuwt er tegen het in de breedte te zoeken, ,',aus dem Wurzelgeflecht, aus Stamm und Rinde — Blüte und Frucht (zu) bestimmen". Hij fulmineert bijna tegen de miheu-verafgoding en vraagt, of men uit de guirlandes enz. in de tegenwoordige kerken concludeeren kan tot een natuurdienst in het huidige Protestantisme; hij beschouwt de rehgionsgeschichthche methode als een terugval en achteruitgang, een „Strömung, die das Bett der evangelischen Religion zu verlassen droht" *).

Bij het zestigjarig feest was het zoo, dat Harnack zelf constateerde hoe niet allen, die in het Seminar met hem gewerkt hadden, nu ook in denzelfden geest met hem verder arbeidden: daar waren er, die meer orthodox waren gaan denken, daar waren er niet weinigen ook, die de rijzende zon waren gaan aanbidden en in meer Rehgionsgeschichthche richting dachten en voelden. Maar toen (1911) was er nog een opgewekte noot in Harnacks opmerking, die duidelijk deed merken, dat hij zich nog voldoende het nuddelpunt wist van zijn kring en zich nog niet eenzaam voelde *).

Langzamerhand evenwel nam de afval onder zijn leerlingen grooteren omvang aan en ging de nieuwe generatie andere wegen dan de oude. Harnack had, zoowel door zijn afkomst en aanleg als door den tijd, waarin hij leefde, in zijn geschiedenisbeschouwing de groote persoonhjkheid, het individu op den voorgrond geschoven, daarop veel licht laten vallen en daarnaar de geschiedenis ingedeeld. De godsdiensthistorici — was het reactie, waren ze zelf reeds weer door een nieuwen tijd beïnvloed? — legden meer den nadruk op het sociale, het massale, op de voorgeschiedenis en waren daarmee

») In Bedeutung der Refonnation innerhalb der algemeinen Rehgior*geschichte" artikelenreeks 1899. Reden und Aufsatze IL p. 297 v., 306 v., 312 v., 325. 2) Zie de aangehaalde literatuur.