is toegevoegd aan uw favorieten.

Adolf von Harnack, voornamelijk als dogmahistoricus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ursprung der wissenschaftlichen kirchlichen Theologie und Dogmatik" terwijl hij de beteekenis der Alexandrijnen (Origenes) hierin ziet, dat zij den overgang vormen van het heidensche rijk in een Christehjk, van de Grieksche phüosophie in een kerkelijke, en tevens de wetenschappelijke overwinning op het Polytheïsme1).

Dit nu is wat te bewijzen was en wat Harnack niet bewijst, noch nu, noch later. Uit het bovenstaande blijkt duidehjk, dat Origenes in vele principieele vragen zeer sterk verschüde van de kerkehjke behjdenis van toen en later *); zie de geschiedenis van rijn verwerping. De teekening van Origines is in vele deelen juist; de plaats, waar Harnack hem zet, is onjuist. Hij verschüde van de Apologeten, die vroeger het dogma invoerden; hij verschüde veel meer van Athanasius cs., die later de bouwers van het dogma rijn. Het is onjuist en ongeoorloofd, vast te houden aan de these, dat hij toch de vader van dogma en dogmatiek was, ook in materieelen rin. Indien alleen formeel bedoeld, zou het ook nog niet geheel waar rijn; maar zoo mag het niet worden verstaan»). Trouwens, Origenes streed tegen Origenes en het kan enkel een bepaalde hjn van dezen humanist rijn, die doorgetrokken wordt *).

En daarmee is Harnacks these, dat het dogma een versmelting is van Christendom met Grieksche phüosophie, in gevaar. Origenes' systeem is het; we geven dat gaarne toe. Maar Harnack laat na te bewijzen, eenvoudig omdat hij het niet kan, dat Origenes' systeem het dogma is.

l) ib, 1,637.

») cf. Brunner, a.w, p. 131, die opmerkt, dat de Alexandrijnen (Origenes) in tegenspraak stonden met de regula fidei.

*) cf. Seeberg, I, 489, die acht, dat Clemens langer dan Origenes invloed gehad heeft. Dit lijkt ons juist. Het zijn de losse gedachten van syncretistischen aard, die veel kwaad hebben gedaan; niet het systeem heeft doorgewerkt, Hoe Seeberg dan ook zeggen kan, dat toch Origenes de „Dogmatik" der Grieksche kerk geschapen heeft, is een raadsel, tenzij hij bedoelt als formeel denker of dat de latere Grieksche kerk veel Origenistische gedachten heeft vastgehouden.

Wel heeft Seeberg gehjk als hij zegt, I, 554, dat de Alexandrijnen de Schrift onderwierpen aan den Geest, dien men „naturalisierte"; maar dan is dit een argument tegen Harnack, waar de bouwers van het dogma in de vierde eeuw zich sterk op de Schrift beriepen, en tegen den „naturalisierten Geist" opponeerden; vooral in het Westen was dit het geval. . ..

«) cf. Seeberg, I, 590, dat de homoousie van Origenes tegen de subordinatie bij Ongenes strijdt.