is toegevoegd aan uw favorieten.

Adolf von Harnack, voornamelijk als dogmahistoricus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deeling van Paul van Samosata *), meer dan is het Chalcedon. Want de Unie Het nog iets over van de monophysitische gedachte, al was dan de „formule van de Grieksche vroomheid'' verloren, maar Chalcedon „verwoestte" pas „het Christendom" finaal *).

Nu, Harnack spaart Chalcedon dan de roede ook niet. Het is een „Raüber- und Verrathersynode 8). Terwijl Harnack Efeze van 449 opvallend gunstig beoordeelt en zegt, dat de eenheid en de vrede inderdaad door deze Synode waren hersteld; terwijl hij de Grieksche vroomheid hier gered gelooft; terwijl hij zegt, dat dit geen rooversynode was4), vindt hij bijna geen scherpe woorden genoeg om Chalcedon en Leo I, den kwaden geest van het vierde concilie, te geeselen. Het is hier alles kwade politiek, alles één knoeierij en bedrog, alles is hier onwaar. Leo zit op de loer als een spin in haar web, en wacht den besten tijd om zijn slag te slaan; hij overwint met den keizer, maar het is een Pyrrhus-overwirining, want hij zet metéén zijn concurrent te Constantinopel op den troon etc5).

Maar — niemand ontkent, dat op beide concilies, zoowel te Efeze als te Chalcedon de staats- en kerkehjke pohtiek een veel te groote rol speelden — maar Leo had gehjk, dat hij met Augustinus en Ambrosius tegen het monophysitisme de oude waarheid, de behjdenis van Tertullianus en Irenaeus, van Athanasius en Nicea, de behjdenis van de oude kerk, op de Schrift gegrond, verdedigde6). Want wat te Chalcedon vastgesteld werd, was inderdaad de handhaving van Godheid en menschheid, uitgedrukt met de toen best mogelijke formule. Harnack noemt het een vereeniging, die geen vereeniging

j p, jij*

») cf. p. 375 v. Zie bij Chalcedon, p. 390 v. Harnack zegt dan ook: Die Kirche des Orients war um. ihren Glauben gebracht," p. 396/7. *) P« 374.

4) p. 384/6. Meent Harnack nu werkehjk, dat dit de voortzetting van Nicea was? cf. het oordeel van Seeberg, II, 257 en Loofs, PJtE.*, VI, 643 v.

6) p. 388 v., 390 v. ... wm.

Wel wat erg is de bewering, dat na de regeeringswisseling in Const. niemand eigenlijk wist wat men gelooven moest, p. 389; alsof de geheele kerk geloofde wat de keizer beval! Waarom is Harnack zoo tegen dit anü-monophysitisme gekant, als het monophysitisme de wetenschap onmogelijk maakte?

cf. Greydanus, a.w., p. 251 v.

») cf. voor Leo's Brief, II, 381 noot 1 v.

cf. Greydanus a.w., p. 248 v. cf. de beschrijving bij Loofs, p. 171 v.