is toegevoegd aan uw favorieten.

Adolf von Harnack, voornamelijk als dogmahistoricus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Grosheide, Kommentaar op het N.T.: 1 Corinthe, *) Grützmacher, Textbuch zur syst. theologie', Leipzig-Erlangen, 1923.

Die Jungfrauengeburt, Berlin 1916.

Haupt, W., Worte Jesu und Gemeindeüberlieferung, 1913. Headlam, The Miracles of the New Testament, London 1915. Hetm, K, Glaube und Leben, Berlin 1926.

Hein, Arnold, art. Marcionitismus und practischer Theologie, in Theol.

Blatter, Juni 1922. Hermann, art. Anselms Lehre vom Werke Christi in ihrer bleibenden

Bedeutung, in: Zeitschr. syst. Theologie, I, 2, 1923. Hepp, Dr. V., Het Testimonium Spiritus Sancti, I, Kampen 1914.

De Waarde van het Dogma, Kampen z.j.

Geref. Apologetiek, Kampen 1922.

Illingworth, The Gospel Miracles, London 1915.

Jackson, F., and Lake, K., The Beginnings of Christianity, London 1920.

Jenkins, F. D, art, Is Harnacks History of Dogma a history of Harnacks

Dogma ?, in Princeton Review 1923. Kattenbusch, F., art. Der Quellort der Kirchenidee, in Festgabe 1921.

art. Chr. Welt, 20 Oct. 1892 over het Apostohcum.

Kliefoth, Einleitung Dogmengeschichte, 1839.

Klein, De christehjke Archaeologie in hare verhouding tot de geschiedenis van het Christendom, Utrecht, 1888. Knudson, A. C, The Doctrine of God, New-York-Chicago, 1930 Koch, art. Th. Lit, Zeitung, 1931.

Korff, W. A., Christehjke religie en Historie in de theologie van W.

Herrmann, Utrecht 1922. Kuipers, K., Theorie der Geschiedenis, Amsterdam 1931. Kropatscheck, J, Occam und Luther, Gütersloh 1900. Kuyper, Dr. A, Encyclopaedie der Heihge Godgeleerdheid, 3 dln,

Kampen 1908. Leendertz, W, Dogma; Synthese, Haarlem 1917. Leeuw, G. van der, Historisch Christendom, Utrecht 1919. Leipoldt, Vom Jesusbilde der Gegenwart, Leipzig 1913. Lietzmann, H, Die Anfange des Glaubensbekenntnisses, art. in Festgabe 1921.

Loofs, F., Leitfaden der Dogmengeschichte', Halle 1893.

Dogmengeschichte, art, PRE.'.

Symbolik, 1902.

Mackintosh, H. R, The Originality of the Christian Message', London 1925.

*) Naar deze commentaar zij nog verwezen voor de kerkelijke organisatie in den apostolischen tijd; cf. inzonderheid p. 425 v.; zij kwam mij te laat in handen om haar ter plaatse te gebruiken.