is toegevoegd aan uw favorieten.

De landrente-belasting

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vraag is wel gewettigd, of zulk een toekomstige schatting met een zekeren graad van nauwkeurigheid praktisch uit te voeren is, wanneer men bedenkt, dat het reeds moeilijk is, om een gemiddelden padiprijs, gebaseerd op voorafgaande jaren eenigsZins nauwkeurig samen te stellen.

Met hun conclusie, dat dit gemiddelde over de oude prijzen niet voldoet, kunnen we ons niet vereenigen, omdat men in de praktijk niet ernstig getracht heeft, dit gemiddelde te benaderen, maar zich meer gericht heeft op het verkrijgen van een redelijk geachte belasting, waardoor een „schipperen" met den gemiddelden padiprijs' noodzakelijk is gebleken. Dit is o.L echter een fout, waarvan de oorzaak gezocht moet worden in de bepalingen en officieele percentages en niet in het gebruik maken van den grondslag: den gemiddelden padiprijs van Voorafgaande jaren.

In ieder geval verdient het idee van de heeren Meyer Ranneft en Huender ernstig in overweging genomen te worden, omdat het in theorie althans beter is dan den thans gebruikten maatstaf. Slechts de ervaring over meerdere jaren zal het antwoord kunnen geven op de vraag, of zulks ook in de praktijk het geval zal zijn.

5. HET „GEMIDDELDE" PRODUCTIVITEITS-CIJFER.

Het productiviteitscijfer wordt districtsgewijs, d.i. dus over een areaal, dat betrekkelijk uitgestrekt kan zijn, vastgesteld. In de gevallen, waar de teelt van de padi door die van een meer waardevol gewas is vervangen of waar het mogelijk is door de keuze van een meerwaardig nagewas producten te verbouwen, waarvan de opbrengst aanmerkelijk uitgaat boven een normaal gemiddelde, dat voor dat nagewas als grondslag van belastingheffing wordt aangenomen, is de druk van de landrente Op deze sawahs relatief lichter. Hierin kan een bezwaar tegen den gebezigden grondslag worden gezien. Het is dus gewenscht, dat de landrenteregeling op dit punt wordt uitgebouwd, door gegevens voor de teelt van polowidjo (ook de waardevolle handelsgewassen) op proefvelden te verzamelen. Zulks zal uiteraard niet met alle polowidjo-soorten kunnen geschieden, zoo leenen zich bijv. de tèrong en ketimoensoorten niet voor controle bij het oogsten, doch er blijven nog genoeg polowidjo-soorten over, waarvan zeer zeker productie-opnamen te maken zijn, zooals bijv. de maïs. Dat er in de meeste gevallen met schattingen gewerkt moet worden, is onvermijdelijk, doch men ga niet uit van het standpunt, dat de polowidjo-waarde per se gedrukt moet worden, want het voorschrift luidt immers om de polowidjo naar waarheid te schatten, en een voorschrift wordt nu eenmaal gegeven, niet om genegeerd te worden. Komt men daarbij tot uitkomsten, die men in verband met het vastgestelde heffingspercentage, niet redelijk acht, dan schuilt o.i. de fout in 't