is toegevoegd aan uw favorieten.

De landelijke arme blanken in het Zuiden der Vereenigde Staten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gegeven. Katoenboeren zijn slordig in het gebruik en onderhoud van hun werktuigen. Als deze niet gebruikt worden blijven zij dikwijls op den akker liggen. Een ploeg die in den herfst nog in het eind der laatste vore steekt kan men in het Zuiden vaak genoeg zien, niet alleen op negerboerderijen. Het huis, de schuur of de afrastering die herstel noodig hebben, worden hoogstens wat opgelapt, maar degelijke reparatie wordt langer uitgesteld dan in het Noorden.

Katoen-verbouwen is gemakkelijk. Het onderstelt niet veel en noodzaakt tot heel weinig. Wel om het goed te doen, maar niet om eenig resultaat te behalen. Vrouw en kinderen doen een deel van het werk in de drukke seizoenen en het geeft drie tot zes maanden per jaar vacantie. In Gwinnett County „the type and scale of farming conducted by the families interviewed usually gave them a considerable amount of time for idleness or leisure which were generally regarded among the satisfactions of life" 101). Het bestaande systeem maakt deze slappe tijden onvermijdelijk, maar van een streven naar verandering blijkt niet veel. Of de omstandigheden dit geheel onmogelijk doen zü'n of dat men zich toch wel graag neerlegt bij het niet al te moeilijke onvermijdelijke, is bezwaarlijk uit te maken. De kleine katoenverbouwer is terecht niet tevreden, maar wij zouden hier een uitspraak van dezelfde competente onderzoekers die wü zoo juist citeerden willen aanhalen: „Many of these farmers know of ways and have the means to add to the food on their tables and to the money in their pockets by using more time in production and marketing but ignore such opportunities, continue to idle and get along on little" 102). Er mag wel een zekere half-tevredenheid met het bestaande aangenomen worden; ,,'t aint no use to worry" is een gezegde dat wij meermalen aanteekenden en dat deze houding het best weergeeft. Dikwijls wordt men gewaar, dat de arme landbewoner in het Zuiden minder dan zijn Europeesche klassegenoot de kunst verstaat om kleine mogelijkheden te benutten en uitgaven overbodig te maken. Om een enkel voorbeeld te noemen: het moet opvallen hoe weinig geiten door de arme pachters in het Zuiden gehouden worden. Het klimaat staat het zeer wel toe, het kost niets om dit dier in het leven te houden en de melk zou een te waardeeren voedsel zijn. Maar hierbij zoomin als in andere opzichten wordt ernaar gestreefd om het hoofdinkomen door kleine bijzaken te vermeerderen en het levenspeil te verhoogen. Dit is slechts een symptoom van het algemeene feit, dat de arme plattelanders van het Zuiden niet die nauwgezette zuinigheid betrachten welke de