is toegevoegd aan uw favorieten.

Dr. J. H. Halbertsma

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verhooging van het zedelijk en stoffelijk levenspeil van zichzelf en van de menschheid" en doelbewust plaatsten dus de Modernen den mensch in stede van God in het middelpunt van het leven; stelden hem „als uitgangspunt en doel van alle dingen."x)

Wij komen nu tot de vraag, hoe Halbertsma zich gesteld heeft tegenover de theologie van zijn tijd. Vooropgesteld zij, dat hij, ofschoon predikant, zich weinig, althans in zijn geschriften, met haar heeft ingelaten. Immers hij erkent, dat hij „wegens de richting (zijner) studiën al de jaren, die er sedert zijnen academietijd verliepen, in eene volkomene afzondering van de theologische wereld (heeft) doorgebracht"2) en elders beroemt hij er zich op, dat „(hem) sedert jaren het laatste paragraafje van (zijn) systema theologicum glad vergeten is." *) Toch heeft hij zich ook in de theologie niet heelemaal onbetuigd gelaten en zijn uitspraken op dit gebied zijn voldoende om zijn standpunt ten opzichte van de verschillende stremmingen van zijn tijd te bepalen.

Om voor de hand liggende redenen heb ik in het bovenstaande overzicht de Roomsche kerk en haar leer niet genoemd. Evenwel kunnen de bezwaren, welke Halbertsma tegen Rome had, hier niet onvermeld blijven. Afgezien van uitlatingen als „Rome is een colossale leugen" 4) en „de Roomsche kerk grondt het geloof op de onwetendheid en de onderdrulcking van het gezond verstand," 5) zijn ze voornamelijk gericht tegen de hiërarchie. Deze organisatie, rustende op priesters, die, hoewel „dom, bekrompen en verwaand," „in het gelid der heilige hiërar-

*) Ds. Mr. P. M. den Hartogh in Antirevol. Staatk, 1931, bl. 119.

2) De Doopsgezinden en hunne herkomst, bl. 380.

3) De Vrije Fries X, 1865, bl. ij.

4) MS. 166, bl. 238. e) ld, bl. 227.