is toegevoegd aan uw favorieten.

Dr. J. H. Halbertsma

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de studenten, de boeren, de Oost-Indiëvaarders, de advocaat, de rentenier, de dokter, en meer andere, zijn evenmin als Gabe, de „Domenij" en Joute-baes karakters, maar veeleer vertegenwoordigers van bepaalde categorieën in de maatschappij.

In overeenstemming met zijn (boven bl. 101, sub 2°) doel heeft Halbertsma „proeven van allerlei stijl" gegeven, meerendeels proza, daarnaast enkele stukjes poëzie.

"Wat het proza aangaat, treft het groote aantal verhalen. Met uitzondering van de drie in het Miswier, die, naar hij in een Naricht (143) mededeelt, van oud-Franschen oorsprong zijn, „verfriescht echter en overal verrijkt met brede verzinsels", is alles oorspronkelijk. *) „De holle stiet my fiersto wyld," zooals hij zegt, „om oan 'c ljidban fen in oar to rinnen." (287)

Het Miswier en De twade joun vormen een soort van „frame story". Door miswier, d.i. ongunstig weer in den winter, wanneer het ijs de scheepvaart belemmert, maar ongeschikt is voor schaatsenrijden, zijn de twee nichten en de twee neven van Gabe, door zijn moeder voor de Kerstdagen uitgenoodigd, verhinderd naar de hardrijderij te Franeker te gaan, evenals twee studenten uit Groningen, die bij den dominee, den oom van een hunner, gelogeerd zijn. Als ze 's avonds bij Gabe's ouders samenkomen, stelt een van het gezelschap voor verhalen te gaan vertellen. Dit is het eenvoudige en natuurlijke „frame", dat de verhalen bijeenhoudt.

Bijna alle aanwezigen doen op hun beurt een verhaal.

Terwijl enkele, zooals dat van de drie Pelgrims van den eersten student, dat van de boer geneesheer van den tweeden, Gabe's vertellingen over het overzetten der schapen en de proast fen 't gasthm en Saske's kinder-

*) Het korte verhaal van Saske is natuurlijk een eeuwenoud „berneteltsje".