is toegevoegd aan uw favorieten.

De grondslagen der maatschappijschool

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelang van individu, volk en ras. Gewoonlijk kan de negatieve phase tusschen 12 en 14 jaar gesteld worden. Het is juist de moeilijkste tijd, op onze middelbare scholen door lastigheid van leerlingen der 2de en van het begin der 3de klasse bekend.

De tweede phase noemt men wel de „beeldende." In deze periode komt er meer begrip van juiste verhoudingen en meer actie. Het experimenteeren met ideëele, vooral met sociale waarden, is niet van de lucht. Is de individualiteit goed, dan kan deze tijd een periode van rijke ontwikkeling vormen, is er een erfelijke aanleg in verkeerde richting, waarvan gedurende den kindertijd niets is gebleken, dan kan hij ba dezen tijd aan den dag treden en gevaarlijk worden. Waakzaamheid van den opvoeder is dan zeker noodig.

Met ongeveer 17 a 18 jaar begint de laatste phase, de z.g. adolescentie. Het karakter begint zich dan te vormen, er komt meer inzicht in zich zelf en ba anderen en ook meer waardeering voor de omgeving. De opstandigheid is verdwenen, de adolescent begint de. houding van zijn ouders te begrijpen en te waardeeren.1)

De puber stelt den opvoeder voor een moeilijke taak, die menigeen niet in staat is goed te vervullen. In het algemeen zou men deze taak kunnen schetsen als het geven van vrijheid en het wekken van vertrouwen, gebaseerd op een zoo goed mogelijke kennis en een zoo duidelijk mogelijk begrip van het gemoedsleven der jeugd. Genoeg vrijheid om de goede hoedanigheden der individualiteit te laten rijpen, genoeg leiding om de slechte kwaliteiten te remmen en zoo mogelijk te onderdrukken. Een begrijpende tegemoetkoming is constructief voor de karakterontwikkeling in dezen tijd; overdreven strengheid is hiervoor in hooge mate destructief.

Heeft de jongen een opstandige bui, is het meisje nukkig, dan zijn tegemoetkomend begrip en rustige en bewuste zekerheid het beste middel om deze groote kinderen te doen inzien, wat voor „lummels" of „spoken" ze zijn. Drift en straf haalt zelden wat uit, ze verscherpen het conflict, nemen het vertrouwen weg en verhoogen de kans op nieuwe uitbarstingen.

Een beroep op de verantwoordelijkheid geeft, als de individualiteit goed is. vaak onverwachte resultaten. Ik ken een moeder, die, als haar dochter iets wilde, dat zij niet gewenscht vond,

*) Er moge nog eens op worden gewezen, dat bij de verschillende individuen de ontwikkeling verschillend verloopt, ook wat begin en einde betreft. Zoo spreekt men b.v. van individuen met verlengde puberteit.